top of page

Zoekresultaten

229 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Het buitengewone wonder van spreken

    En waarom luisteren misschien nog wel groter is Dit artikel begint met een eenvoudig "Hallo". Vijf letters in twee lettergrepen en nog geen seconde geluid. Met twee klinkers en twee medeklinkers is het taal-technisch gezien een onbeduidend woordje. Maar wat is er eigenlijk allemaal voor nodig geweest om dat ene woord uit te spreken? Zonder dat je erbij stilstaat, is het uitspreken van een woord misschien wel één van de meest ingewikkelde prestaties geweest, die jouw lichaam vandaag heeft geleverd. Doe maar even met me mee en zeg eens hardop: "Goedemorgen!" Nog voordat je mond bewoog, bestond dat woord al. Je kende het al in jouw hoofd en hebt het ergens uit je geheugen opgehaald. Daarbij ontstond er ook al een bedoeling. Niet alleen over wát je ging zeggen, maar ook al over hóé je het zou willen zeggen. En nog vóórdat het eerste geluid klonk, heb je al besloten hoe je het zou laten klinken en heb jij ook al scenario’s bedacht van hoe het ontvangen zou worden. Het woord begint niet bij je mond. Het begint heel diep vanbinnen, met een onzichtbare zoektocht. Je hersenen beschikken over tienduizenden woorden. En toch kies je precies dat ene woord. Niet bijna goed of een vervangend woord, maar precies het juiste. En dat gebeurt allemaal in een fractie van een seconde. Daar staan we zelden bij stil. Mijn verwondering begon toen ik mijn vorige blog schreef over de veelzijdigheid van onze stem. Ineens drong het tot mij door hoe ongelooflijk deze gave eigenlijk is. Hoe bijzonder het is dat God dit vermogen aan de mens heeft toevertrouwd. Wij gebruiken het als vanzelfsprekend. Maar als je er wetenschappelijk iets verder induikt, stijgt ook de verwondering. Spreken is zo ongeveer het meest optimale eindresultaat dat ons lichaam kan voortbrengen. Talloze complexe processen zijn nodig, die perfect moeten samenwerken. Anders is de uitkomst niet te verstaan. Het onzichtbare proces van denken wordt opgevolgd door een fysiek hoogstandje. Ons brein verandert als het ware in een dirigent die een enorm orkest moet laten samenwerken. Meer dan honderd spieren in borst, middenrif, nek, keel, kaak, tong en gezicht zijn allemaal tegelijk of in precies de juiste volgorde actief. De ene spier op vol vermogen en de ander maar met een fractie, leveren ze allemaal precies op het juiste moment ook de juiste kracht. De longen en het middenrif leveren de lucht. De stembanden brengen die lucht in trilling. De tong, de lippen, de kaak en het gehemelte vormen vervolgens iedere klank. Maar een woord bestaat uit méér dan letters alleen. Een woord heeft ook een melodie. Die melodie ontstaat door minieme veranderingen in de samenwerking tussen de tong, de luchtdruk uit de longen en de spanning op de stembanden. Samen bepalen zij de precieze luchtstroom die uiteindelijk hoorbaar wordt. Zeg maar eens: "Ik hou van je." En zeg het dan nu nog eens, maar boos. En nu verdrietig. Of zing het eens. De woorden blijven hetzelfde, maar toch is het veranderd. De betekenis, de bedoeling en de emotie worden volledig anders. Wat een ongelooflijke precisie in zeggingskracht! En ik vroeg mij af, als DIT het verschil is wat alleen de mens van God heeft ontvangen, dan moet het ook wel de allergrootste en meest complexe uitbreiding zijn, bovenop het ontwerp van de rest? De wetenschap blijkt die verwondering te bevestigen. Neurowetenschappers noemen het menselijk brein het meest complexe bekende object in het universum. Een netwerk van ongeveer vijfhonderd biljoen verbindingen. En van alles wat daaruit voortkomt, heeft het spreken zo ongeveer de hoogste functie. Maar dan... Bij ons is één enkel woord het eindpunt van miljoenen signalen en talloze processen die tegelijkertijd plaatsvinden. Maar bij God niet. Hij hoeft niet na te denken. Hij hoeft geen woorden te zoeken. Hij hoeft geen adem te halen. Hij hoeft geen spieren aan te sturen. God spreekt... ...en het is er! Zijn spreken is een volledige en autonome werkelijkheid. En dat geeft ineens een heel andere betekenis aan Genesis. Daar waar staat: "En God zei...en het was er", lezen we niet zomaar een beschrijving van de schepping. We zien een openbaring van absolute macht. Een demonstratie van volkomen almacht. En daarmee wordt ook meteen de afstand zichtbaar. Hoe oneindig ver staat God boven ons? Met hoeveel ontzag zou ons dat mogen vervullen? Maar toch is het tegelijkertijd ook zo, dat met de taal, de woorden, in ons hart en in onze gedachten, God ook ongelooflijk dichtbij ons kan zijn. Voor wie dat wil. Want de God Die helemaal geen menselijke woorden nodig heeft, heeft ervoor gekozen Zich juist door woorden aan ons bekend te maken. Hij gaf ons met de Bijbel Zijn geschreven Woord. En daarbij God heeft werkelijk alles gedaan om niet alleen met woorden, maar daarbij juist ook Zijn hart, Zijn gedachten en Zijn intenties aan ons te kunnen overbrengen. God heeft Zijn Geest naar de aarde gebracht. Om ons te helpen Zijn bedoelingen te leren begrijpen. In Jezus Christus heeft God ons zelfs het zichtbare voorbeeld gegeven en ons de fysieke uitvoering getoond van Zijn zuiverheid en Zijn liefde. Niet alleen waarheid die uitgesproken werd, maar waarheid die onder ons kwam wonen. En tot slot heeft Jezus de schuld gedragen, de scheiding weggenomen en de verbinding met de Vader hersteld. Daardoor mogen wij nu in Jezus naam, zelf tot God spreken, onze vragen neerleggen en onze zorgen aan Hem vertellen en hopen we dat Hij luistert... Hoe zou dat zijn als de Almachtige God, Die met één enkel woord sterrenstelsels en planeten in hun baan heeft geplaatst, Zich vervolgens naar jouw hart buigt... en naar jou luistert? Hoe zou dat werken? Misschien omdat midden in al die indrukwekkende complexiteit er iets gebeurt dat zo mogelijk nóg groter is. Er komt namelijk een moment waarop wij ophouden met spreken. En als iets echt belangrijk is, houden we heel even onze adem in. Dat is niet het moment dat ons brein stopt, maar miljoenen processen alert in de wacht staan. Want we wachten in spanning af: "Hoort iemand wel goed wat wij zeggen"? Want alsof het spreken dan nog niet indrukwekkend genoeg is, gebeurt er aan de andere kant opnieuw een wonder. Bij de ontvanger. Die verwerkt eerst nog jouw klanken. En ineens is daar de herkenning. De woorden zijn vertaald en ze hebben gehoord wat jij hebt gezegd. Maar niet alleen wat, ook hoe! Eén enkel woord blijkt helemaal niet slechts een geluid te zijn. De uitgesproken klank is het hoorbare eindresultaat van een onvoorstelbare samenwerking tussen gedachten, herinneringen, emoties, intelligentie, adem, spieren, gehoor, timing en intentie. Alles werkt samen om iets zichtbaar te maken wat daarvoor volledig onzichtbaar was. Daarmee heeft God ons niet alleen de mogelijkheid gegeven om elkaar te kunnen begrijpen. Hij heeft ons daarmee juist ook de mogelijkheid gegeven om HEM en Zijn hart te leren kennen. En misschien zit juist daar wel het grootste verschil. Want het horen is een fysieke prestatie. Als ons lichaam gezond is, kan het heel goed horen. Maar dan is er nog het luisteren. Luisteren komt uit een hele andere dimensie. Luisteren is een keuze van onze wil. Een wilsbesluit van onze geest. De keuze om aandacht te hebben voor die andere kant en je over te geven. Aan de bereidheid om te willen luisteren. Misschien is dat ook precies waarom God ons niet voortdurend oproept om te horen, maar om te luisteren. God heeft werkelijk alles gegeven en uitgesproken om onze vrije wil de gelegenheid te geven Hem werkelijk te leren kennen. Hij verlangt ernaar dat wij niet alleen Zijn woorden horen, maar dat wij ervoor kiezen om Zijn liefde lief te hebben en Zijn wijsheid te vertrouwen. Want pas als wij bewust kiezen om te 'willen' luisteren, gaan wij ook Zijn hart begrijpen. En dan ontstaat ook de verbinding. Dan leren we Hem te verstaan en oefenen we ons om Hem te kunnen horen, zodat de verbinding almaar sterker wordt. Kunnen wij ons voorstellen hoe het is om werkelijk in gesprek te zijn met God? Alleen maar omdat jij ervoor gekozen hebt om naar hem te willen luisteren? Want Hij heeft al lang geleden gesproken. En Hij is stil en wacht. Met ingehouden adem. Hij wacht met spanning af, of jij niet alleen goed hebt gehoord wat Hij wilde vertellen, maar ook of je ook hebt willen luisteren naar de toon en de intentie. Hij wil weten of je vervolgens Zijn hart hebt begrepen en dan voor Hem wil kiezen. Misschien is het grootste wonder van de taal niet dat wij kunnen zeggen wat wij denken, maar dat wij kunnen bedenken dat we willen luisteren. God heeft ervoor heeft gekozen om via woorden en taal Zijn Geest, Zijn gedachten en Zijn hart aan ons bekend te maken. En als wij kiezen om te willen luisteren, dan hebben óók wij, zélf gekozen voor de verbinding die voor ons al lang open is. Een verbinding die al lang geleden tot stand is gekomen. Vastgelegd in taal en uitgesproken door Zijn Woord. Kies voor Mij, dan is eeuwig leven voor jou. Want als jij dat naar Hem uitspreekt, met je hart en met je stem, dan is voor God de dialoog begonnen. Want dat is het antwoord waar Hij op wacht. En dan komen we werkelijk in gesprek met de Allerhoogste. En dan zegt Hij: "Als je het hebt begrepen, dan hoor je bij Mij en ben je voor eeuwig welkom in mijn oneindige Koninkrijk en in mijn hemelse huis, mijn lieve kind." #ikbeneenkindvanGod

  • Het kan zo eenvoudig zijn...

    Regelmatig lees ik mijn eigen stukken terug, om weer mee verder te kunnen of om eens te kijken waar ik stond. Ik lees ook artikelen van anderen, luister en bekijk podcasts. Ik heb gesprekken met mensen en bezoek kringavonden. En weet je wat mij dan soms zo vermoeiend en verdrietig overvalt? Het eindeloze gewauwel in deze wereld. Niet alleen in de seculiere wereld, maar ook in de christelijke wereld, de politieke wereld, de media wereld en de entertainment wereld. Zoveel mensen die maar een eind weg kletsen. Verreweg het meeste ervan is hol en leeg, omdat het geen inhoud heeft. Geen waarheid en geen betrouwbaarheid. De kracht van het geluid in woord en in gesproken taal, dat is wat wij van God hebben gekregen. Als enige soort in de schepping! God heeft met het gesproken woord hemel en aarde gecreëerd. En wij hebben ook een stukje van die uitzonderlijke creativiteit gekregen, naar Zijn evenbeeld. Wij kunnen met ons geluid prachtige muziek maken. Ermee zingen in een harmonieuze meerstemmigheid. Niets anders in deze wereld kan dat zoals de mens dat kan. Wij kunnen ermee fluisteren en bulderen van het lachen. We kunnen er gedichten mee voordragen en een verhaal heel boeiend vertellen. We kunnen ermee opbouwen en bemoedigen, troosten en iemands hart mee verwarmen of blij maken. Maar helaas gebruiken we deze bijzondere vorm van geluid veel meer nutteloos en nietszeggend. Door weinig te zeggen dat betrouwbaar is, en heel weinig met echte inhoud, verplaatsen we alleen wat lucht als we spreken. Daar blijft het helaas niet bij, want we breken elkaar ermee af. We kwetsen, veroordelen, misleiden en stoken. Woorden veroorzaken gebroken relaties, verdeelde gemeenschappen en zelfs oorlogen tussen volken. Ons gesproken woord veroorzaakt meer lijden, meer pijn en verdriet, meer dood en verderf dan massavernietigingswapens ooit zullen kunnen bereiken. Want teveel daarvan draait om onzuiverheid, oneerlijkheid en onzekerheid. De woorden die we spreken gaan veel over verschoning en verhulling. Ze verdraaien het beeld van onszelf. Om het mooier te maken dan het is, het sterker te laten lijken dan het is. Om het geloofwaardiger te maken dan het is. Ons leven bestaat grotendeels uit woorden spreken waarmee we verkopen. Praatjes waarmee we alleen maar onszelf, of een overtuiging van onszelf, een plezier doen. Voor het oppoetsen van ons eigen ego of voor het wegpoetsen van verantwoordelijkheid. Omdat we niet willen accepteren dat we geen enkele controle hebben en niet willen accepteren dat we 'een schepping' zijn en er iemand boven ons staat Die ons geschapen heeft. Die ons hele systeem en ons denken van haver tot gort kent. Het is de cognitieve dissonantie in de kern van de mensheid. En het kan eigenlijk zo eenvoudig. Er hoeft maar één ding te veranderen, meer niet. En dat is dat het niet over onszelf moet gaan, maar over de ander. Er is niets anders nodig dan afhankelijk te worden van God. Te erkennen dat je een schepper hebt en dat je door Zijn buitengewone almacht gemaakt bent. Er is niets meer nodig dan te beseffen dat je daardoor in Zijn ogen gelijk bent aan ieder ander mens en niets beter bent dan een ander, naar Gods zuivere maatstaf. Er is dan ook niets méér nodig dan om juist niet naar binnen te gaan om jezelf te beschermen, maar juist je hart naar buiten te openen en de ander lief te hebben. Omdat je geen angst meer hoeft te hebben of je wel geaccepteerd, of erkent wordt. Niet bang hoeft te zijn dat je wordt teleurgesteld of afgewezen. Of om je leven daardoor te laten beïnvloeden. Niet omdat het niet telt wat mensen van je vinden, maar omdat je weet wat God van je vindt. Onzekerheid is niet nodig over waar je blijft als dit biologische leven sterft. Zelfs pijn en ziekte hoeven uiteindelijk niet meer het laatste woord te hebben, omdat je weet dat je leven helemaal niet eindigt bij de dood. Omdat je weet dat als je in Zijn waarheid leeft en in afhankelijkheid van Hem leeft, je ziel vredig blijft. Omdat je weet dat je ziel, die eeuwig leeft, altijd naar de vader terugkeert. En dat is naar God, de Almachtige. God, Die ons vertelt wie Hij is en hoe Hij het uitspansel van de hemel tussen zijn vingers het uitgerekt en heeft gespannen. De aarde op haar plek heeft gehangen en de grenzen van de zee heeft bepaald. Die het zevengesternte aan elkaar heeft gebonden, de Orion kan vrijmaken en de weg van de Grote Beer en zijn kinderen, door het heelal leidt. Onze schepper, Die ons Zijn geest heeft ingeblazen en een onmetelijk omvangrijk stelsel van zenuwen, bloedvaten en cellen tot leven heeft gebracht. Die elk mens, zolang als de mensheid al bestaat, met een eigen unieke DNA broncode heeft ontworpen. De God die ons zo ook het vernuft van het gesproken woord heeft gegeven. De uitkomst van alle processen samen, wordt hierin gevangen. Denken, voelen, herinneren, weten, verbeelden en zien. Actie, reactie, neurotransmitters, ademhaling, hartslag, bloedsomloop en spierbewegingen. En dan... geluid. Een woord. Een woord dat alles kan breken. Een woord dat alles kan helen. Maar héél dat complexe proces dat er razendsnel aan vooraf gaat, is bepaald door het vertrekpunt. Ben ik zelf het belangrijkst? Of is God belangrijker en heb ik die ander lief? Want zo eenvoudig is het eigenlijk: Leef naar buiten toe, naar God toe. Verberg niets in jezelf en verberg niets over jezelf. Leef en spreek in de vrijheid die geen erkenning zoekt. Die naar anderen toe, niet leeft of spreekt in de verwachting van een tegenprestatie. Die gewoon liefheeft en dat zo ook kan zeggen. Zo eenvoudig staat het er ook: "Heb je naaste lief als jezelf" Heb lief zoals Jezus God lief heeft. Wat het voortbrengt vertelt de Bijbel ons: "De goede mens brengt uit de goede schat van zijn hart het goede voort, en de slechte mens brengt uit de slechte schat van zijn hart het slechte voort; want uit de overvloed van het hart spreekt zijn mond." Lucas 6:45 Als dát je vertrekpunt wordt, en als dat in het licht staat van dat grote hemelse voorbeeld? Dan begint de eeuwigheid eigenlijk vandaag al. Omdat Zijn vrede al begint op het moment dat je niet langer jezelf meer hoeft te verdedigen. En je met die ruimte ook een ander kunt 'zien' Dan vind je ook vandaag al voldoening en vrede. In de zekerheid dat je allerbeste keuze, altijd zal zijn om naar Zijn voorbeeld op te kijken. Uit Johannes 1:1-4 "In het begin was het Woord" "en het Woord was bij God en het Woord was God" "In het Woord was het leven" "en het leven was het licht van mensen..." Amen. #ikbeneenkindvanGod

  • Ezechiels War - Part Four

    Niet onze opname, maar Gods openbaring Dit vierluik eindigt waar Ezechiël 38 zelf eindigt. Niet bij Gog. Niet bij Israël. Maar bij God. Ezechiël 38:23 "Zo zal ik mijn grootheid tonen en Mij heiligen en voor de ogen van vele heidenvolken bekend worden. Dan zullen zij weten dat Ik de Heere ben." Dat vond ik een hele opvallende en sterke overeenkomst met wat ik recent nog had ontdekt in de brief aan Efeze, waar Paulus in Efeziërs 3:10 schrijft: "Opdat nu door de gemeente de veelkleurige wijsheid van God bekendgemaakt zou worden aan de overheden en machten in de hemelse gewesten." Paulus spreekt hier met de kennis dat er 'een gemeente' is. Jezus was gekruisigd en de dood overwonnen. Maar die gemeente was er nog niet toen Ezechiël Israël toesprak. Alleen Israël was nog "Gods volk" Ik bedacht me: Spreken Ezechiël en Paulus, ieder vanuit hun eigen tijd, uiteindelijk niet over dezelfde openbaring van Gods heerlijkheid maar dat dit door beiden in een andere fase van Gods heilsplan geschreven? God zegt in het Oude Testament dat de heidense volken naar Hem zullen kijken en zullen weten dat Hij Heere is. God zegt in het Nieuwe Testament dat de hemelse machten juist door het getuigenis van 'de gemeente' Zijn veelkleurige wijsheid zullen erkennen. Dit maakt de gemeente nog steeds geen 'vervanging' van Israël, maar het laat wel zien dat Gods aandacht steeds weer, veel verder reikte dan één natie. En als de gemeente dan bedoeld is, om door haar trouw en volharding tot in de dood, als getuigenis Gods wijsheid zichtbaar te maken aan de hemelse machten en krachten, dan zijn direct mijn vragen: Waarom zou de gemeente dan juist vlak vóór de beslissende strijd worden weggenomen en geruisloos van het toneel verdwijnen? Hoeveel indruk zou dat maken als 'getuigenis' voor Gods veelkleurige wijsheid'? Waar doet dat recht aan de oproep, door de hele Bijbel heen, om te geloven, te vertrouwen en te volharden? Langzamerhand begon ik mij af te vragen of wij als christenen, onbedoeld, toch teveel zijn gaan leunen op een wijdverbreide visie met miljoenen overtuigde aanhangers. Een visie die bijna geen vraag meer overlaat, maar die de Bijbel wel voor 'zichzelf' alvast heeft afgesloten. Afgesloten op een moment dat een klein stukje vóór het einde komt. Maar die interpretatie heeft immers ook een gevolg. Dat kan niet anders. Want de implicatie hiervan is dat er dan nog wel een klein stukje overblijft. Wel een heftig stukje, dat God dan zelf afsluit. Dit zou dan alleen nog maar gaan over de vereffening van God met Israël, om dan met het kwaad en de wereld af te rekenen. En ik wil voorzichtig blijven met het verwerpen van de voortijdige opname, maar ik geloof dat de rode draad, die werkelijk door de héle Bijbel wordt benadrukt, niet gaat over de gemeente, of over de opname van de gemeente. 'Wij' hebben mogelijk de opname teveel centraal gezet, terwijl de Bijbel een ander middelpunt aanwijst. Het gaat echter niet over de vraag wanneer de gemeente verdwijnt, maar wanneer God Zich aan Zijn hele schepping openbaart. En dat is het einde van de strijd! Het grote heilsmoment. Een onthulling van Gods grootheid aan Zijn gehele schepping. In Ezechiël spreekt God daar het meest over. De uitdrukking "Dan zullen zij weten dat Ik de Heere ben" komt, afhankelijk van de gekozen vertaling, 65 tot 70 keer voor. Maar het begint al veel eerder bij de strijd tegen de Farao in Egypte waarin God tegen de Farao zegt in Exodus 9:16 (LXX): "Hierom bent u in leven gehouden, opdat Ik in u Mijn kracht zou tonen, en opdat Mijn Naam verkondigd zou worden op de gehele aarde." Opnieuw ligt de nadruk niet op Israël alleen, maar op de hele aarde. Het doel is de hele wereld, zelfs al vóórdat Israël als volk bestaat. Paulus citeert deze tekst uit de LXX in Romeinen 9:17 bijna letterlijk. Paulus maakt het vervolgens nog duidelijker in Romeinen 8:19 "Want de schepping ziet met gespannen verwachting uit naar de openbaarmaking van de zonen van de God" Het is een sterke tekst in het Grieks, die hiermee wil verbeelden "dat de hele schepping op haar tenen staat". En een ander woord dat Paulus gebruikt is apokalypsis: een onthulling, een zichtbaar worden. In de verzen die volgen legt hij zelf uit wat hij bedoelt. Paulus zegt: (vers 18) "de toekomstige heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden" en dat (vers 21) "ook de schepping zelf zal worden bevrijd" omdat (vers 22) "heel de schepping zucht en in barensnood verkeert" (vers 23) "ook wijzelf, die de Eerstelingen van de Geest hebben, óók wijzelf zuchten in onszelf, en dan vervolgt Paulus met: "in de verwachting van de aanneming tot kinderen (tot zonen - LXX), namelijk de verlossing van ons lichaam" De schepping en heel de schepping, dat is totale taal. Jesaja 40:5b zegt: "De heerlijkheid van de Heere zal geopenbaard worden en alle vlees tezamen zal het zien, want de mond van de Heere heeft gesproken" Jesaja vraagt in 40:13 "Wie heeft de geest van de Heere gepeild?" en wat verder (vers 28) "Er is geen doorgronding van Zijn inzicht" Misschien is dat ook de roeping van de gemeente. Om zich, net als Jakob, niet vast te klampen aan eigen inzicht, maar aan God Zelf. Omdat HIJ de almacht is! Omdat HIJ de strijd al heeft beslist. zonder dat wij dat nog hebben gezien. God maakt Zichzelf openbaar zodat de héle schepping erkent wie Hij is. Dat is aan de doden, de levenden, de gemeente en aan de hemelse machten en krachten. De héle schepping beeft als ze allemaal voor het eerst wérkelijk Gods macht en Zijn kracht en Zijn heerlijkheid zien, zegt Ezechiël 38 immers. Een vroege opname wordt daarmee voor mij steeds onbegrijpelijker en de vragen nemen alleen maar toe: Zal een klein groepje 'levende' gelovigen, (uit 7000 jaar geschiedenis) zómaar opgenomen vanuit hun welvarende leven, een eerste 'subtotaal' kunnen zijn? Zal dat echt kunnen zónder dat wij, ooit God wérkelijk hebben gezien? Als wij, de gemeente, nog nooit eerder bevend en met huiverend ontzag, Zijn ware majesteit en heerlijkheid hebben aanschouwd? Want dat is uiteindelijk waarmee God dit hoofdstuk in Ezechiël eindigt. Dat is niet met de overwinning van Israël en óók niet met de ondergang van Gog. Maar met Gods eigen woorden: "Zo zal Ik Mijn grootheid tonen, Mij heiligen en Mij bekendmaken voor de ogen van vele volken. Dan zullen zij weten dat Ik de HEERE ben." Ezechiël 38:23 Daar eindigt Gods profetie van wat bekend staat als "Ezechiels War". Niet bij Gog. Niet bij Rusland. Niet bij Iran. Niet eens bij Israël. Maar bij de openbaring van God. Het eindigt met God zelf. Een fantasie beeld van een Stralend Koninkrijk in Jeruzalem En bij God eindigt ook mijn zoektocht. Niet bij een tijdschema of een theorie, maar bij Jezus Christus. Die in heerlijkheid verschijnt en de ontzagwekkende kracht en macht van God openbaart. Jezus overwint het kwaad, eist Zijn eigendom op en brengt zijn kinderen thuis. En dan vestigt Hij Zijn Koninkrijk op aarde. Want uiteindelijk draait de eindtijd niet om de vraag wanneer wij verdwijnen, maar om het moment waarop GOD zal verschijnen. Eén ontzagwekkend heilsmoment. Voor het oog van Zijn héle schepping. Die van hemel en aarde. En dán pas, zullen we echt wéten, WIE de Heere HEERE is. Maranatha, Halleluja en Amen. #ikbeneenkindvanGod

  • Ezechiels War - Part Three

    Schrijft Ezechiël al over Openbaring? Twee bijzondere ontdekkingen wil ik nog graag met u delen uit Ezechiël 38. Dat is allereerst de beschrijving van wat God met Gog zal doen. Want wat eindtijdlezers zal aanspreken is dat Ezechiël ook Openbaring beschrijft. Met gebeurtenissen die sterk overeenkomen met die van de zegels, de schalen en de bazuinen. God zegt in vers 18: "Op die dag zal het gebeuren, op de dag dat Gog over het land van Israël komt, spreekt de Heere Heere, dat Mijn grimmigheid in Mijn neus zal opstijgen" En dan zegt Hij: Voorwaar, op die dag zal een zware aardbeving het land van Israël treffen Alle dieren, in de zee, de lucht, het land en alle mensen zullen voor Mij beven Bergen zullen omvergehaald worden Bergwanden zullen instorten en alle muren zullen op de grond neervallen Ik zal op al Mijn bergen een zwaard tegen hem oproepen. Ieders zwaard zal tegen zijn broeder zijn Ik zal met hem een rechtszaak voeren door pest en bloed; Alles wegspoelende regen, hagelstenen, vuur en zwavel zal ik op hem doen regenen, op zijn troepen en de vele volken die met hem zijn. Dit beschrijft wat mij betreft een eindstrijd. Want dit vind plaats in Israël, maar de gevolgen zijn mondiaal. Dat blijkt beter uit de volledige tekst van Ezechiël 38:20 (LXX) "En de vissen van de zee zullen beven voor Mijn aangezicht, de vogels van de hemel, de wilde dieren van het veld, alle kruipende dieren die over de aarde kruipen, en alle mensen die op het oppervlak van de aarde zijn. De bergen zullen worden neergehaald, de ravijnen zullen instorten en iedere muur zal op de aarde vallen." Dit zegt dat de héle schepping zal beven. Het epicentrum is weliswaar in Israël, maar dit beschrijft een moment met wereldwijde gevolgen. Een ontzagwekkende en kosmische gebeurtenis. Want let op: Israël vecht hier niet, dit is volledig het werk van God zelf. Als je alle 'eindtijd' profetieën van Zacharia, Ezechiël, Openbaring, Judas, Mattheus, 1 Thessalonicenzen bij elkaar brengt, ontstaat er een samenhangend beeld. Zij lijken allemaal hetzelfde moment te beschrijven vanuit verschillende invalshoeken. Samen levert het een duidelijk 3D beeld op, van hoe de diverse stadia elkaar zullen opvolgen. De volken verzamelen zich tegen Jeruzalem Christus verschijnt in heerlijkheid. De gelovigen worden tot Hem verzameld Christus komt met al Zijn heiligen Hij verslaat de vijandige legers. Zijn koninkrijk wordt gevestigd. Dat is, naar mijn overtuiging, één groot heilsgebeuren. Juist omdat het vanuit diverse perspectieven beschreven is, vormt het een heel natuurlijke weergave. Dat veranderde ook mijn manier van kijken. Als deze profetieën inderdaad hetzelfde grote heilsmoment beschrijven, dan heeft dat ook gevolgen voor de manier waarop wij naar de opname en de grote verdrukking moeten kijken. Want als wij deze profetieën als een serie losse gebeurtenissen zien, dan zijn wij mensen haast automatisch geneigd om dat in een menselijk 'tijdschema' te willen plaatsen. Zodat het voor ons begrijpelijk wordt en houvast geeft. Maar zou niet God onze houvast moeten zijn, juist als we er NIET alles van begrijpen? Het blijft, wat mij betreft, een heel gemakkelijk gezochte uitvlucht om te denken dat de gemeente vóór deze eindstrijd zal worden opgenomen. Want dat is wat de meest populaire eindtijd lezing zegt. Dezelfde Joodse Bijbelleraar die ik eerder noemde, meldde in een post dat hij samen met vrienden was en meldde openlijk dat: Zij het er samen over eens waren dat wat zij nu meemaken, heel goed een voorproefje zou kunnen zijn van 'hoe de toekomst voor Israël eruit zal zien ná de opname'. Ik huiver bijna van zoveel stelligheid. Is het werkelijk zó vanzelfsprekend dat dit is wat de Bijbel ons leert? Of... hebben we een bepaald eindtijdmodel zó vaak gehoord, dat we de kern ervan niet meer durven bevragen? Ik heb mensen horen zeggen: "Al die vragen over wie de antichrist kan zijn, dat interesseert mij niet zoveel. Dan ben ik toch al weg." En deze stelligheid hoor ik meer om me heen. Maar sinds kort ben ik zelf tot een heel andere conclusie gekomen en dat blijkt best een lastig verhaal in deze tijd. Want mijn vragen daarover zijn: Waar komt onze zekerheid vandaan om te denken dat wij Gods plannen ontrafeld hebben? Het lijkt erop dat een paar onbetekenende details vanzelf nog ingevuld zullen worden, door de komende geschiedenis. En dat de gemeente weggenomen wordt, voordat het echt moeilijk wordt, is hierin eigenlijk geen vraag meer. Ik vraag mij af welke plaats geloof, vertrouwen en volharding dan nog innemen binnen deze verwachting van de eindtijd. Na mijn bekering op dit onderwerp krijg ik van broeders nu uiteraard deze vraag: Geloof jij dan écht dat wij wél door de grote verdrukking moeten? En mijn antwoordt voor ieder die mij hierop zal bevragen is inmiddels: JA! Maar... ik geloof óók dat God Zijn kinderen zal bewaren. Niet door hen weg te nemen, maar door hen te beschermen. En ik zal er ook bijzeggen; "Net zoals God mij heeft beschermd. Toen ik Hem niet kende, maar Hij mij wel zag!" Ik heb nu helemaal geen behoefte meer om het moment van mijn eigen dood te willen bepalen. Toch is mijn leven, ná Zijn bescherming hiervoor, er helemaal niet gemakkelijker op geworden. Het leed en het verdriet dat vanaf toen nog volgde was heel veel groter dan daarvoor. En elke dag opnieuw is er de confrontatie met de gevolgen van de keuzes die ik eerder heb gemaakt. Maar mijn leven is wel ongelooflijk veel rijker geworden. Met het leren kennen van God, zijn die twee verschillende levens niet meer met elkaar te vergelijken. En dát is het patroon dat ik door de héle Bijbel heen zie. Noach blijft op aarde. Israël blijft in Gosen. Rachab blijft in Jericho. Daniël blijft in Babel en ook in de leeuwenkuil De drie vrienden blijven in de oven. Het leven wordt niet gemakkelijker als je God kiest of als God jou roept. Maar God nam deze gelovigen niet uit de omstandigheden weg, Hij was mét hen in de omstandigheden. Abraham leefde in rijkdom in Ur, Mozes leefde teruggetrokken in de bergen, in rust, bij Jethro en zijn zeven dochters in de bergen. En zou het leven voor Koning David niet eenvoudiger zijn geweest als hij schapenhoeder was gebleven? Om maar niet te spreken van Paulus en Jezus discipelen in het Nieuwe Testament. Maar de rijkdom om God te kennen en de beloning om trouw te zijn aan God en daarin te volharden, is eeuwig leven. Oneindig veel groter dan dat je leven op deze aarde gespaard zal blijven. Het fysieke lichaam is immers sowieso eindig. En voor hoe ik het lees, gebeurt dit verder ook in het Nieuwe Testament. Kijk naar wat Paulus ons hierover vertelt in Hebreeën 11. Dat hele hoofdstuk bevestigt precies dit patroon. Het is geen geschiedenis van gelovigen die aan het lijden ontsnapten, maar van mensen die door geloof volhardden. Sommigen werden gered en anderen werden gedood. Maar allemaal hielden zij vast aan God en aan Zijn beloften. Jezus zelf zegt in Openbaring 2 tegen de gemeente Smyrna: "Wees trouw tot in de dood, en ik zal u de kroon van het leven geven" Hij zegt niet: Ik zal jullie de dood besparen. Een enkel voorbeeld: Stephanus wordt gestenigd, maar krijgt een blik in de hemel Paulus wordt gestenigd en voor dood buiten de stad gesleept > Maar toen de discipelen hem omringden stond hij op en ging de stad weer in. God richtte hem weer op. Maar het allerbelangrijkste voorbeeld is wat mij betreft Jezus zélf: In de hof van Getsemane bidt Hij: "Laat deze beker aan Mij voorbijgaan" Die beker gaat niet aan Hem voorbij, maar de Vader draagt Hem er doorheen. En tot slot: Vóórdat Jezus naar de Hof van Getsemane vertrekt, waar zijn arrestatie aanstaande is, bidt Hij het hogepriesterlijke gebed en zegt in Johannes 17:15 "Ik bid niet dat u hen uit de wereld wegneemt, maar dat u hen bewaart voor de boze" Ik heb de wijsheid niet in pacht. Maar ik vind het steeds moeilijker om een eindtijdvisie te begrijpen, die ervan uitgaat dat een 'deel' van Gods volk wordt opgenomen vóór de grote strijd, maar dat dan nog een ander (aankomend) deel van Gods volk, pas daarná tot geloof komt. Ik begrijp hoe die gedachte genesteld is door de interpretaties. Maar bedenk dan dat deze mensen, ónvoorbereid deze verdrukking in zullen gaan. Dat wil zeggen zónder dat zij eerder het Evangelie of de Bijbel kennen en NIET met Gods wapenrusting bekend zijn. Maar dat dan juist déze mensen WEL de volle kracht van Satans vervolging moet doorstaan EN tegelijkertijd daarbij OOK nog eens Gods toorn moet meemaken. En dat deze mensen niet als groep, maar stuk voor stuk zullen binnendruppelen. Omdat ze moeten sterven voor hun geloof. Daar komt dan nog bij dat; Het 'eerste' gedeelte van Gods volk die 'opgenomen' zullen zijn, al een verheerlijkt lichaam hebben gekregen. En in die vorm zullen zij dan 3,5 jaar of, zo u wilt 7 jaar, nog mogen toekijken naar alle akeligheid die zich nog op de aarde afspeelt. Ik zeg niet dat ik het allemaal wel weet, maar ik stel hier wel de vragen waarop ik nog geen bevredigend antwoord heb gevonden. Daarmee sluit ik dit vierluik af in een vierde en laatste deel, waarin één vers uit Ezechiël voor mij de sleutel blijkt te vormen. Ongelooflijk veelzeggend wat mijn betreft. Dat is het laatste vers van het hoofdstuk, Ezechiël 38:23 #ikbeneenkindvanGod

  • Ezechiels War - Part Two

    Wie is eigenlijk Gods volk? Vaak wordt gedacht dat in het Oude Testament iedere Israëliet automatisch tot Gods volk behoorde. Dat is niet zo gek, want God zelf zegt in Exodus 3:6 "Ik ben de God van uw vaderen, de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob." Als je zou vragen wie God bedoeld als Hij spreekt over "Mijn volk Israël" zullen veel christenen direct zeggen: "Dat zijn de Joden natuurlijk! Toen, maar ook nu." Vanuit die overtuiging ondersteunen ook heel veel christenen Israël. Soms heel zichtbaar met een button op hun social media profiel dat zegt "I stand with Israël" Ik heb ook hele lieve mensen en hele goede geloofsvrienden om mij heen, die uit overtuiging Israël onvoorwaardelijk steunen. Het verdient respect om je geloof openlijk te belijden. Maar wie zij nu eigenlijk steunen, zal wellicht niet eens een vraag voor ze zijn. Omdat ze uit gewoonte trouw zijn aan wat de Bijbel lijkt te zeggen. Maar zegt de Bijbel dat ook? Met name de oude profeten waren vaak bijzonder streng en scherp tegen Israël. Omdat ze trouw waren aan Gods waarheid en Zijn waarheid spraken. Maar ze hadden Israël lief en hadden verdriet voor ze. Ware liefde voor Israël is dus zeker niet hetzelfde als kritiekloos zwijgen of zonder vragen steunen. Maar misschien is het helemaal niet zo eenvoudig als dat het op het eerste gezicht lijkt. We hebben immers afgesloten in het vorige deel met de tekst van Paulus uit Romeinen 9:6 "Niet allen die uit Israël voortgekomen zijn, zijn Israël." Let op wat dit zegt! Paulus brengt hiermee een hele duidelijke nuance aan, maar die is wel volledig in lijn met het onderscheid dat doorlopend ook al in het Oude Testament wordt gemaakt. Niet iedere afstammeling van Abraham erft de belofte. Ismaël niet en eerder ook Ezau niet. We weten dat Israël oorspronkelijk is ontstaan doordat Jakob een nachtelijke worsteling met God had en God hem op de heup aantikte en mank maakte. God heeft Jakob toen tijdens het ochtendgloren de nieuwe naam Israël gegeven. En uit Jakob zijn de twaalf stammen voortgekomen onder wie later het land is verdeeld. Jakob worstelt een hele nacht met een man. Het blijkt God te zijn. Die strijd met God is bijzonder veelzeggende gebeurtenis. Jakob stond op een kruispunt in zijn leven. Na twintig jaar in Paddan-Aram keert hij terug. Achter hem lag een leven van list en bedrog om op eigen kracht invulling te geven aan zijn leven. Voor hem ligt de ontmoeting met zijn broer Ezau, waarvan hij verwacht dat die hem wil doden. Genesis 32 vers 24-32 vertelt ons het laatste stuk van dit verhaal. En het is bijzonder opmerkelijk dat de tekst zegt: "En toen 'de man' zag dat Hij hem (Jakob) niet kon overwinnen, raakte hij zijn heupgewricht aan, zodat het heupgewricht van Jakob ontwricht raakte toen Hij met hem worstelde" Het bijzondere inzicht hieruit zou kunnen zijn, dat God ons hiermee Zijn weg duidelijk maakt. God kiest hier niet voor een goddelijke overwinning op Jakob, maar hij zoekt de overgave van Jakob. Jakob blijft de hele nacht worstelen en God tikt zijn heup aan, zodat die ontwricht, en zegt dan vervolgens: "Laat Mij gaan, want de dageraad breekt aan" Waarop Jakob zegt: "Ik zal U niet laten gaan, tenzij U mij zegent" Het is Jakob door die ene aanraking duidelijk geworden, met wie hij werkelijk worstelde. Jakob laat ook direct zien dat hij het volledig begrepen heeft in vers 30: "En Jakob gaf die plaats de naam Pniël. Want, zei hij, ik heb God gezien van aangezicht tot aangezicht, en mijn leven is behouden" (LXX) God zoekt geen overweldiging of vernietiging, maar Hij komt op ons niveau. Hij nodigt uit, Hij spreekt, Hij waarschuwt, Hij breekt en Hij wacht. Hij 'worstelt' met de mens en laat de mens met Hem worstelen. En pas wanneer alle menselijk kracht op is, ontstaat er ruimte voor een leven dat rust op Gods kracht. God raakt alleen maar Jakobs heup aan en die is blijvend mank. Het laat zien dat het nooit een krachtmeting is geweest. Door die éne aanraking kwam alles in een ander licht te staan. Jakob zegt: "Ik heb God gezien en mijn leven is behouden". Het gaat er niet om dat Jakob in deze worsteling sterker lijkt te zijn dan God, maar vooral dat Jakob ophoudt te vertrouwen op Jakob. Dat Hij God erkent en Hem om Zijn zegen vraagt. God vraagt Jakob om zijn naam en zegt vervolgens: "Uw naam zal voortaan niet meer Jakob luiden, maar Israël, want u hebt met God en mensen gestreden en hebt overwonnen." Maar Jakob heeft niet overwonnen op eigen kracht. Hij heeft overwonnen door ontzag voor God en overgave aan Hem. En dat gaat, in mijn gedachte, over de wijsheid van God, die ons hiermee al vertelt dat alles in Zijn handen ligt. Dat Hij toen de toekomst van Israël al kende. Want het volk Israël komt voort uit een manke aardse vader. Een volk dat vervolgens altijd met God en met mensen blijft strijden. Maar wie overwint, is dus degene die in God gelooft. Dat is de mens die, in volle overgave zijn vertrouwen niet in zichzelf stelt, maar zijn leven aan God geeft. Met ontzag voor de almachtige grootheid. En dat kan door één aanraking. Wat Gods ook laat zien is dat het niet met Israël begon. Henoch 'wandelde' met God. Dat was al vóór de zondvloed. En na de zondvloed begon God het tweede bedrijf. Met één man en dat was Abraham. Abraham was geen Jood, hij was niet besneden en hij hield ook de Wet niet. Die was er nog niet. Maar ook het volk Israël bestond nog niet, want immers vanaf Jakob, zoon van Izaäk, kwam die naam Israël pas. Abraham was zijn opa. Daarom gaat het wellicht ook niet specifiek alleen over het volk Israël, maar veel meer waar het Joodse volk voor staat. Want Israël krijgt haar plek in het tweede bedrijf, in het verhaal van ná de zondvloed. Maar waar is Israël dan in het derde bedrijf van Gods plan? In het Nieuwe Testament? Want daarin is het religieuze en voorname Joodse volk, zelfs verantwoordelijk voor de kruisiging van Jezus. De hardnekkige koppigheid van de Israëlieten in het Oude Testament is duidelijk. Wát een ontrouw tegen God. En hoeveel correcties hebben zij niet van God gekregen en ondervonden dat die correcties ook steeds zwaarder werden? Maar dan is de vraag; Zou dat bij elk volk dat God uitverkoren zou hebben, niet gewoon hetzelfde zijn geweest? Staan Israël en Jakob niet gewoon voor het beeld van 'de mens' in deze wereld? Die het 'grote kwaad', dat wordt voorgesteld als de Farao, de Assyrische Koning en de Leviathan, nooit zullen kunnen weerstaan zónder God? Want de oude profeten laten nog iets anders zien. Zij maken ook al een duidelijk onderscheid tussen het volk als natie en degenen die God werkelijk zoeken. Dat is niet het hele volk. Want Jesaja, Jeremia en Micha spreken regelmatig over een overblijfsel van Israël. En dat is niet alleen in de toekomst, maar ook al in hun eigen tijd. Zo dacht de profeet Elia zelfs dat hij als enige was overgebleven. Maar God zei tegen Elia: "Ik heb voor Mij zevenduizend mannen overgelaten..." 1 Koningen 19:18 Bij God ging het al vóór Christus niet over afkomst alleen. Hij kijkt het hart aan. Het geloof, het vertrouwen en de gehoorzaamheid aan Hem als de schepper. Het ontzag voor de almachtige creator van mens, dier en natuur. En dat hoeft als mens niet eens altijd onafgebroken en zuiver te zijn. Want daar zijn onder andere Jakob, Mozes en David, hele goede voorbeelden van. Paulus wijst daarom vaker vanuit het NT naar die beslissende factor uit het OT. "Abraham geloofde God, en het werd hem tot gerechtigheid gerekend." (Genesis 15:6; Romeinen 4:3) De eerste mens die in de Bijbel gerechtvaardigd wordt genoemd, wordt gerechtvaardigd door geloof, niet vanwege zijn afkomst. Maar in het Nieuwe Testament wordt het nog duidelijker. Wanneer de Farizeeën zich beroemen op hun afkomst, waarschuwt Johannes de Doper hen: "Denk niet dat u bij uzelf kunt zeggen: Wij hebben Abraham als vader." (Mattheüs 3:9) Jezus gaat verderop in de Bijbel nog een stap verder. In Johannes 8 zeggen de Joden: "Abraham is onze vader." Jezus antwoordt hen en zegt: "Als u Abrahams kinderen was, zou u de werken van Abraham doen." (Johannes 8:39) Dat wil zeggen: Het ware kindschap van Abraham wordt niet alleen zichtbaar in zijn bloedlijnen, maar veel meer in geloof en gehoorzaamheid. En Paulus komt misschien wel met de duidelijkste tekst in Galaten: "Begrijp dan toch dat zij die uit het geloof zijn, Abrahams kinderen zijn." (Galaten 3:7) "Als u van Christus bent, dan bent u Abrahams nageslacht en overeenkomstig de belofte erfgenamen." (Galaten 3:29) Dat is veelzeggend. Paulus vervangt Israël hier niet, maar hij laat wel zien dat Gods belofte aan Abraham al vanaf het begin heel veel groter was dan één etnisch volk, toen God tegen Abraham zei in Genesis 12:3 "In u zullen ALLE geslachten van de aarde gezegend worden." Als Paulus dan schrijft dat; Christus uit Jood en heiden één nieuwe mens heeft gemaakt (Efeziërs 2:15), dan schrijft hij hiermee niet over een 'vervanging' van Israël. Omdat het veel verder gaat dan dat en ook veel groter is. Het gaat over Gods belofte aan Abraham en het land dat God aan Abraham heeft beloofd. Dat betekent dus niet dat Gods beloften aan Israël vervallen zijn. Helemaal niet zelfs. Zij hebben heel veel moeten doorstaan, omdat God hen had gekozen en dat zal ook worden beloond. Maar het betekent wél dat de Bijbel zelf een duidelijk onderscheid maakt tussen afkomst en geloof. De lijn door de Bijbelgeschiedenis heen, met het Nieuwe Testament en het derde bedrijf, lijkt het kader van "Gods volk" dan wel verder te verdiepen en ook te vergroten na de kruisiging. Maar het is in de kern nog nooit verandert. Geloof is zonder twijfel de beslissende rode draad. En dat is één volk. Eén lichaam. Eén Herder. Niet gebouwd op afkomst. Maar op geloof in God, in Jezus Christus, de Messias. Dat is Abrahams nageslacht. Dan zijn er tot slot nóg twee hele opmerkelijke kwesties uit Ezechiël, die ik in het volgende deel zal bespreken. #IkbeneenkindvanGod

  • Ezechiels War - Part One

    Lezen wij Ezechiël 38 zoals bedoeld? Voor veel eindtijdpredikers is Ezechiël 38 nu ongelooflijk actueel. Eindtijdlezers zoeken volop naar de invulling van "Ezechiels War" zoals dit hoofdstuk bekend staat. Met veel aandacht voor de coalities tegen Israël die zich lijken te vormen in de huidige geopolitieke arena. De eerste vraag die vaak wordt gesteld is: Wie is Gog? Wie zal hij zijn? En dan verder; Is Magog of Rosh Rusland? Of wijzen beide namen naar Rusland? Is Perzië het huidige Iran en Togarma het hedendaagse Turkije? Is 'de coalitie' uit Ezechiël zich op dit moment voor onze ogen aan het vormen? Dat zijn hele begrijpelijke en interessante vragen. In de afgelopen periode heeft een invloedrijke Messiaans-belijdende Joodse bijbelleraar mij sterk teleurgesteld. Iemand met een heel groot platform, die sinds 7 oktober 2023 merkbaar is veranderd in zijn houding. Hij beschikt over veel militaire informatie en deelt die met ruim 600.000 mensen volgers. In mijn beleving is sindsdien zijn aandacht verplaatst naar de militaire strijd van Israël waarvan hij het geweld soms bijna verheerlijkt. Als hij videobeelden post van een raketinslag in Libanon dan schrijft hij erbij: Goodmorning Hezbollah! Sinds de Iran oorlog doet hij haast niets anders meer dan al deze ontwikkelingen nu duiden aan de hand van Ezechiël 38. Een aantal predikers in Nederland volgen zijn boodschap en analyses haast blindelings. De laatste dagen hield Ezechiël 38 mij daarom bezig. Niet alleen vanwege de actualiteit, maar met name ook door de verdeeldheid die onder Christenen voorzichtig begint te ontstaan over onvoorwaardelijke steun aan Israël. Tot hoe ver mag die steun gaan? Een andere Joodse vriend in Israël, die veel voor mij persoonlijk betekent, is ook een christen. Hem heb ik gevraagd of onze inzichten over Israël, wel in de juiste verhouding staan tot wat het Evangelie ons leert. Ik gaf aan dat ik geen idee heb hoe moeilijk het is om onder zoveel voortdurende dreiging te leven, maar dat wij tegelijk wéten dat deze gebeurtenissen uiteindelijk ook Gods heilsplan dienen. Voorzichtig meldde ik dat Jezus ons niet het voorbeeld geeft, om 'preventief' je vijanden aan te vallen, 'omdat' zij anders hetzelfde met Israël zullen gaan doen. Dat ik natuurlijk ook niet weet hoe Israël zich op dit moment anders zou moeten verdedigen, maar dat dit niet een Israël is dat het Evangelie kent en de kruisiging van Jezus zelfs verwerpt. God wordt vaak alleen gebruikt voor historische oudtestamentische retoriek, want Israël vertrouwt vooral op haar eigen kracht, haar inlichtingenapparaat en laat met haar wapens het geweld spreken. Een vriendelijke, maar minzame reactie terug: "Droevig voor mij om te lezen waar je hart is. Ik wens je al het goede." sprak een direct afscheid uit. Het ligt dus heel gevoelig. Ik begrijp het, want dit zijn mensen voor wiens kinderen in Israël de dienstplicht geldt en die het leger in moeten. Je kunt bijna niet anders dan zowel verdriet als sympathie hebben voor hun dagelijkse strijd. Dit zijn ook mensen die, in het noorden van Israël, al meer dan tweeënhalf jaar bijna onafgebroken, dagelijks naar de schuilkelder moeten. Die zich verbijsteren over de Europese verslaggeving en zich daardoor op zichzelf teruggeworpen voelen. Want het nieuws 'hier' bericht daarover maar amper. Terwijl vooral de vergeldingsaanvallen van Israël, wel heel graag breed worden uitgemeten. Maar het bracht mij terug naar de Bijbel. Onder andere naar Nehemia, maar vooral ook naar Ezechiël 38 en ik ging op zoek. Ook omdat veel mensen in verwarring lijken over eindtijd duidingen. Ik liet het vertalen vanuit de LXX om naar de kleine nuances te zoeken. En als je het dan op een rijtje zet, draait het in Ezechiël 38 misschien wel helemaal niet in de eerste plaats om Gog en de komende coalitie tegen Israël. Ezechiël zelf lijkt voortdurend Iemand anders centraal te stellen. Lees de uitspraken van God eens achter elkaar. "Ik zal u omkeren." "Ik zal haken in uw kaken slaan." "Ik zal u tegen Mijn land brengen." "Ik zal Mijn grootheid tonen." "Ik zal Mij heiligen." "Ik zal Mij bekendmaken." Steeds opnieuw klinkt hetzelfde. "Ik zal..." en dat is wat God zegt. Gog, Magog, Mesech en Tubal, de coalitie en hun aanval op Israël zijn hier niet het onderwerp. God is het onderwerp. De taal van "Ik zal haken in uw kaken slaan", herkende ik van Job, een van mijn favoriete boeken. Maar waar komt deze beeldspraak nog meer voor? In Ezechiel 29:4 spreekt God precies dezelfde woorden over de Farao. In 2 Koningen 19:28 gaat het over de Assyrische Koning die Jeruzalem bedreigt: ''...zal ik Mijn haak in uw neus slaan.." En God zegt in Job 40:20: Kunt u de Leviathan met een vishaak trekken? Het wordt gebruikt bij typeringen van de grootste en machtigste vijanden, die bekend zijn in de Israëlische geschiedenis. De Farao, de Assyrische Koning en de Leviathan. Wist u trouwens dat een van de grootste recent gevonden gasvelden voor de kust van Israël, het Leviathan gasveld is genoemd? Mij vielen twee verzen in het bijzonder op in dit hoofdstuk. In Ezechiël 38: 17 vraagt God aan Gog: "Bent ú degene over wie Ik in vroegere dagen gesproken heb door Mijn dienaren, de profeten van Israël, die in die dagen jarenlang hebben geprofeteerd dat Ik u tegen hen zou brengen?" Dat is best een opmerkelijke vraag, want geen enkele profeet heeft de naam Gog eerder genoemd. Maar God spreekt heel direct tot Gog zelf. Alsof het iemand is die bekend zou moeten zijn, terwijl daar in de Bijbel verder weinig over te vinden is. Waarom zegt God dit dan? Misschien is dat omdat Gog niet slechts één toekomstige leider is. Gog staat hier wellicht voor het allerlaatste gezicht van een veel oudere opstand. De opstand die al vroeg zichtbaar werd. In Babel. Bij de Farao. Bij de volken uit Psalm 2. En ook bij Assyrië en bij Zacharia en Daniël. Misschien vertegenwoordigt Gog ook wel een nog veel oudere opstand. De allereerste opstand! Die van vóór de zondeval van de mens. Het veranderde mijn aandacht voor deze tekst in Ezechiël. En ook de grotere bedoeling van de uitleg. Want misschien gaat Ezechiël 38 in de eerste plaats niet over een aanval op Israël. Maar gaat het veel meer over een aanval op wat God Zijn eigendom noemt. "Mijn land" zegt God via Ezechiël. God zegt niet: "Het land van Israël." Dat lijkt misschien een detail. Maar is het dat ook? Het land behoort uiteindelijk niet aan een regering, niet aan een koning en zelfs niet aan Israël. God had dit eeuwen eerder al gezegd: "Het land mag niet voorgoed verkocht worden, want het land is van Mij." (Leviticus 25:23) Ik hoor wel eens vaker zeggen dat we naar Israël moeten kijken, als we de profetieën goed willen begrijpen. Maar geldt dat niet voor het land? Het land dat God aan Abraham had toegezegd? En dan misschien wel in het bijzonder voor Jeruzalem. Ons wordt gevraagd om voor de vrede van Jeruzalem te bidden. Het is de stad waar Koning David regeerde en waar Salomo de eerste Tempel bouwde. Maar boven alles is het de stad waar Jezus is gekruisigd en weer is opgestaan. Natuurlijk ligt Jeruzalem nu in het land Israël. maar is de huidige bevolking dan ook automatisch Gods volk? De huidige bevolking kent God nog minder dan in Nederland, waar meer dan de helft seculier is. En het Evangelie maar amper zelfs. Laat ik duidelijk zijn. Ik wil hiermee niet zeggen dat God Zijn volk heeft verstoten. Integendeel. Paulus zegt juist: "God heeft Zijn volk, dat Hij tevoren gekend heeft, niet verstoten." (Romeinen 11:2) en iets verder "De genadegaven en de roeping van God zijn onberouwelijk." (Romeinen 11:29) God blijft trouw aan Zijn beloften. En wie ben ik om daar dan iets aan af te willen doen? Maar Paulus voegt daar nog wel iets wezenlijk belangrijks aan toe. "Niet allen die uit Israël voortgekomen zijn, zijn Israël." Romeinen 9:6 Dat bracht mij wel bij een tweede vraag. Want wie is dan "Mijn volk"? Wie bedoelt God eigenlijk als Hij spreekt over "Mijn volk Israël"? Maar omwille van de leesbaarheid breek ik hier af. In het volgende deel kijken we hoe de Bijbel zelf die vraag beantwoordt. Ga je met me mee? #IkbeneenkindvanGod

  • (15) Wat is de waarheid van "The Rapture"? Mijn eigen zoektocht.

    Tot voor kort was ik dus zelf nog behoorlijk overtuigd van de ontsnappingstheorie. (Pre-trib) Maar ik kreeg moeite met diverse ontdekkingen en tegenstellingen. En vanaf hier vertel ik graag over die worsteling, die veel verder en veel dieper gaat dan alleen dit onderwerp. Het gaat namelijk ook over persoonlijke blindheid en misleiding. Al veel vaker heb ik scherpe stukken geschreven die ik niet gepubliceerd heb en die zijn blijven steken in de conceptversie. Dat komt omdat ik in mijn geloofsreis ontdekte dat ik teveel de neiging heb om een veroordelende stijl te gebruiken. Mijn visie op deze wereld, over andere stromingen of levensvisies, beschreef ik niet echt in genuanceerde vorm. Wie in de jaren terugleest kan dat goed zien. En dat is hoogmoedig. Want ik ben niets beter dan een ander en het is iets dat ik graag wil afleren. Ik weet zelf heel goed hoe groot het verlangen naar waarheid en antwoorden is. Maar ondertussen weet ik ook hoe gemakkelijk je heel ergens anders terecht kunt komen. Ook als je dat niet wilt of gepland hebt. Dat maakt iemand niet meteen dom of naïef. De omstandigheden, die je niet zelf hebt gekozen, bepalen veel van je route en je keuzes. We zijn allemaal mensen. De stekel in mijn eigen vlees Als ik eerlijk ben, moet ik bekennen dat ik het meest moeite heb met mensen die vastgeroest zijn in hun patronen. Die vanuit deze plek ook niets willen veranderen. Want wat ze is overkomen en waar ze nu zijn, ligt altijd bij iemand anders... Of ze hebben het juist helemaal te danken aan zichzelf. Oftewel het slachtoffer of de narcist. Mensen die niet naar zichzelf kunnen kijken. Daar is niet mee te praten en ze willen ook niet geholpen worden. Deze mensen zien anderen niet, maar slurpen wel hun energie. Maar blijkbaar heb ik vooral moeite met starheid. Een patroon niet kunnen loslaten. Dat irriteert mij, maakt me boos en roept mijn minachting op omdat ik het naïef en beperkt vindt. Ik ben ook niet perfect, maar zó ben ik zelf niet, vond ik. Maar wat dit vooral laat zien, is waar ik zelf sta en waar ik vandaan kom. Dit is precies de kern van wat onze psychologie als "Cognitieve Dissonantie" heeft gedefinieerd. Het is een verdraaiing van de werkelijkheid. Diepe kennis van psychologie die je vanuit de Bijbel en van God gewoon gratis krijgt. Zonder dat je daarvoor geleerd hoeft te hebben. Ik mocht kennismaken met de spiegel van een heel nieuw wereldbeeld. Want nu zou ik zeggen dat ik deze houding veel beter begrijp. De vroege beschadiging van het kind dat je systeem van binnen heeft gevormd en dat je zo als volwassene overeind houdt. Wij zijn als mensen altijd op zoek naar veiligheid, controle en bescherming. En die vond ik in de spiegel die ik en heel veel mensen zichzelf voorhouden. Maar dit beeld liegt! Het is de spiegel waar iedereen in kijkt, maar die niemand doorziet. Deze spiegel heerst over deze aarde en heet "De Aanklager" Deze spiegel hangt overal en wie in deze spiegel kijkt, ziet precies wat die wil zien. Je ziet hier jouw versie van hoe het 'hoort te zijn'. Je ziet in deze spiegel je eigen pijn, maar niet je eigen fouten. Je ziet hierin waar anderen jou tekort doen, je eigen gelijk, het onrecht dat je is aangedaan waar je een slachtoffer van was. Maar je ziet niet hoe jij anderen tekort doet, je hoogmoed en je ongelijk of waar je zelf een dader bent geweest. En wat er zo verraderlijk aan is; Deze spiegel verbeeldt jouw waarheid! Het voelt goed, veilig en vertrouwd. Want deze spiegel geeft je controle! Jij wéét met deze spiegel wie hier de schuldige is, wie er moet veranderen. Jouw boosheid, je pijn en je verdriet is terecht. Jij hebt gelijk. Die anderen begrijpen niets van jou. Het is onrecht. Maar je krijgt dat gelijk niet. Deze wereld bevestigt dat ons die waarheid. Wij hebben 'recht' op 'ons' gevoel. "Het mag er zijn" niet waar? Maar deze spiegel is de grootste leugen op deze aarde. Je denkt dat je eerlijk bent, ook tegen jezelf, maar je liegt juist vooral tegen jezelf en alle anderen om je heen. Heel gemakkelijk zelfs. De spiegel die bevrijdt Maar dan is op deze wereld ook nog onze God. Hij zet, in het derde bedrijf, een andere spiegel naast die van de aanklager. Met Zijn Woord, Zijn Geest en Zijn waarheid. En ik heb het geluk gehad die spiegel voor me te krijgen. Dat is het kantelpunt in mijn leven geweest. Want als je daarin kijkt, gebeurt er iets schokkends: Je ziet jezelf natuurlijk. Maar je ziet jezelf nu écht. Zonder filter. Zonder vervorming. Aangrijpend confronterend. Want je ziet ineens je eigen zwakheid, je eigen egoïsme. Je ziet hoe vaak jij degene bent die liegt, die wegkijkt en anderen de schuld geeft van jouw situatie. Je ziet hoe je anderen gebruikt en situaties naar je eigen hand hebt gezet. Hoe je door starre overtuigingen en overheersend gedrag over het gevoel van anderen heen hebt gelopen, om je eigen zwakte te beschermen. Niet bewust om anderen pijn te doen, helemaal niet juist. Maar het gebeurt wel. In de naïeve en egoïstische overtuiging dat je in je recht staat. Als je DIE waarheid aankijkt, doet dat pijn en is bijzonder bitter. Maar voordat je dreigt te bezwijken, kijk je nog een keer. En dan zie je niet meer alleen je eigen lelijkheid, je ziet ook Hem. Jezus staat naast je! En hij wijst niet naar jouw fouten, maar Hij zegt: "Ik heb het al betaald!" Twee spiegels. Die van de leugen en die van de waarheid. Dan weet je dat de pijn en de bitterheid niet meer het einde is. Het is de weg naar vrijheid. Naar vrede. Met een nieuwe identiteit. Je bent een kind van God. En dat is geen vlucht of excuus uit deze werkelijkheid, maar een waarachtige omkering. Want ik keek niet meer naar de misleiding, maar naar de waarheid. En dan stopt het vingerwijzen naar anderen heel snel. Want ik ben zelf onderdeel van de zwakte. Ik ben natuurlijk nog altijd wie ik ben en hoe ik gevormd ben. De genezing begint met 'zien', met erkenning. Het herstel kost meer tijd. De gevolgen van je keuzes wegen nu ineens veel zwaarder, dan in onwetendheid. Oh, is dat wérkelijk wat ik heb aangericht? Dat heb ik nooit zo bedoeld! Maar dan besef je ook dat, voor alle anderen in het spoor achter jou, gedane zaken geen keer meer nemen. Onze zwakte krijgt een beter uiterlijk en ons egoïsme lijkt charmant De confrontatie legt ook de misleiding bloot. Dit is het systeem waarmee we recht praten wat krom is. We máken het kloppend, zodat wij niet hoeven te veranderen. We laten ons de misleiding en de leugen gemakkelijk aanleunen. We accepteren die, omdat het onze zwakte een beter uiterlijk geeft en ons egoïsme charmant laat lijken. Dat patroon is helemaal niet om anderen buiten te houden, maar het ontwijkt wel de confrontatie met onszelf. En de beste ontsnapping daaraan is de keuze om de leugen te accepteren. Dat is echt niet omdat we slecht willen zijn, maar omdat we nog veel banger zijn om de controle te verliezen. En dan is die waarheid flexibel! Voor mij komt dat heel erg overeen met de leer van een vroege ontsnapping. Van de aarde opgenomen worden, vóórdat de grote verdrukking komt, dat is zóet. Het belooft ons: "Jij hoeft er niet doorheen." Het zegt tegen ons: "Jij mag in de spiegel van de aanklager blijven staan, want jij hoort bij 'de goeden'. Jij wordt gered." En je bént ook gered, maar... is het ook op die manier? De Bijbel vertelt mij immers structureel een ander verhaal: De gemeente is niet geroepen om te vluchten. Ze is geroepen om te getuigen. Om trouw te zijn en rechtop te blijven staan. Juist als het echt zwaar wordt. Dat is bitter! Genoeg stof om nog te vervolgen, lijkt me. #ikbeneenkindvanGod

  • Wat is de waarheid van "The Rapture" (14) Het fundament voor de vraag

    In deel 6 stelde ik de vraag, waar het voor mijzelf mee begon. Wat doet het geloof in een ontsnapping eigenlijk met je ? Wat is de impact ervan op ons handelen en denken ? En dan bedoel ik niet de theologische discussie over wie er gelijk heeft, maar gewoon, heel menselijk. Ik stelde dat het geloof hierin, iets doet met je perceptie en gaf het voorbeeld erbij van een vriendschappelijke voetbal interlandwedstrijd. Maar toen hadden we nog niet het fundament dat we nu wel hebben. In deel 7 zagen we de rode draad door de héle Bijbel : Dat zegt: overwinning door trouw, volharding tot het einde, door Jezus en Zijn te volgen. In deel 8 ontdekten we met Job dat lijden niet altijd verklaarbaar is , maar dat God wél de volledige controle heeft. Een les die ons voorbereidt op Openbaring. In deel 9 de daverende onthulling dat de Joden én heidenen één zijn en 'bedoeld' om als gemeente te getuigen van Gods veelvuldige wijsheid aan hemel en aarde. In deel 10 die nare confrontatie met onszelf. De leugen komt van buiten, maar we kiezen vooral zelf om de leugen en de misleiding te omarmen en te accepteren. In deel 11 en 12 ging het over een kosmische rechtszaak waarin de bewijsvoering over drie bedrijven naar God leidt, Hij tot slot zélf komt en ons Zijn geest brengt. In deel 13 beschrijf ik het patroon van de bewijsvoering over drie tijdperken . Het beeld uit de laatste drie artikelen gaat over Gods groeiende persoonlijke invloed. In het eerste bedrijf doet de wereld het zónder Hem. Het kwaad krijgt de vrije hand. De wereld wordt een poel van geweld en kwaadaardigheid. In het tweede bedrijf laat God zichzelf alleen zien, openbaart Hij Zijn wijsheid. Maar 'mensen' kunnen die boodschap niet overbrengen en zijn niet in staat om een voorbeeld te zijn. De wereld verloedert in geweld en kwaadaardigheid. In het derde bedrijf komt God zelf, geeft zélf het voorbeeld én laat Zijn geest achter op de wereld. De wereld glijdt opnieuw af in kwaadaardigheid en geweld. Maar hier komt de gemeente boven. God zélf laat Zijn goedheid zien in een wereld van kwaad. Hij komt zélf naar de aarde om Zijn boodschap te brengen, en ook zelf het voorbeeld daarvan te zijn. Want zónder Gods Geest op aarde, ontstaat er ook geen gemeente. Dat heeft het tweede bedrijf bewezen. Eerst het onderzoek en het fundament, dan de vraag stellen... Gods al bestaande veelvuldige wijsheid wordt in het derde bedrijf bevestigd door de gemeente. Een schepping die ondanks grote verdrukking en bitter lijden, toch uit vrije wil voor Hem kiest. Nog boven de keus voor het fysieke leven op deze aarde. Maar het is alsnog in een wereld die hen overspoelt met kwaad. Dat God mens geworden is, is de verbindende brug. Jezus is mens en God. Hij is hemel en aarde. God is de schepper van lichaam, ziel en geest. Daarmee is er goed in de hemel aanwezig, van schepselen die uit vrije wil God dienen. Maar er is ook kwaad in de hemel, door een geschapen vrije wil die zich afkeerde van God. De gemeente bewijst dat er ook goed is op de aarde, getoond door schepselen die uit vrije wil God dienen. Maar er is ook kwaad op de aarde, door een geschapen vrije wil, die zich hebben afgekeerd van God. Maar Gods volledige schepping samen, zowel die in de hemelse gewesten als die op de aarde, kunnen niet zonder Hem. Want de legers van hemel en aarde samen, kunnen, zónder Jezus als de enige weg de waarheid en het leven, het kwaad niet aan. In de geestelijke wereld kunnen ze het kwaad verbannen uit de hemel, maar ze kunnen het niet tegenhouden op aarde. En op aarde is het kwaad niet fysiek te pakken en zijn we volkomen onmachtig om het te kunnen doden of terugsturen naar de hemel. De énige die dat kan is de Almachtige God. De Vader van ALLE schepping die Hij heeft gemaakt. De volledige schepping, zowel die in het fysieke lichaam als in de onzichtbare geest, kan niet zonder Hem en kunnen ook niet tegen God opstaan. God overstijgen of zelf als God willen worden is een teleurstellende en heilloze weg naar destructie. Als er dus werkelijk iets onmogelijk is, dan is het dat als God, de Creator van hemel en aarde, zelf zuiverheid en waarheid is, dat er niets groter kan worden dan Hij. Ook al brengt Hij alles van Zijn eigen wezen, samen in Zijn schepping met alle ingrediënten bij elkaar. De Bijbel gaat daarmee helemaal niet over ons. Het gaat alleen maar over God. Het gaat over Zijn glorie en soevereine majesteit. Er is geen enkele bedoeling om schepsels te laten ontsnappen aan lijden de dood, want het bewust kiezen voor God bóven het lijden en de dood, dat is juist het getuigenis van de gemeente. Het gemeente-zijn is geen reddingsboot waar je in stapt, maar het is kiezen voor een vergezicht, die over de angst voor het lijden en de dood heen kan kijken. Het is kiezen om in overgave en afhankelijkheid, te vertrouwen op Gods belofte voor de heerlijkheid die al dat lijden overtreft. En daar is liefde, geloof, gehoorzaamheid, training, oefening en voorbereiding voor nodig om daarin te kunnen volharden. Maar met de liefde als de grootste, maakt die dat verreweg het gemakkelijkst. Liefde staat boven lijden en boven verdrukking En daarmee is mijn vraag uit deel 6 en waarom ik aan dit onderzoek begon, nu pas echt urgent geworden. Want met dit fundament, kunnen we eerlijker kijken naar wat er gebeurt als we geloven dat we vóór de verdrukking worden weggenomen. Niet om iemand aan te vallen, maar om te begrijpen wat het met ons doet. Dus ik herhaal de vraag om die in het vervolg te bespreken: Wat is de reden om tóch te geloven in een voortijdige ontsnapping ? En wat is de impact ervan op ons handelen en denken ? Wat maakte dat het voor mij zo begon te schuren ? Wordt vervolgd.... #IkbeneenkindvanGod

  • Wat is de waarheid van "The Rapture"? (12) De aanklager is gebonden

    Het aandeel van de mensheid in deze rechtszaak In dit deel kom ik, wat mij betreft, tot de uitleg van een hele resolute en ook Bijbelgetrouwe verklaring in de zaak tegen de aanklager. En het kwestie die op tafel ligt is van existentieel belang. De bewijsvoering toont ons drie verschillende situaties, met verschillende voordelen, in verschillende tijdperken. Het eerste bedrijf: Zonder God (van Adam tot de Zondvloed) Na de zondeval wordt al in de allereerste generatie een broedermoord gepleegd. Het verhaal gaat razendsnel tot aan de zondvloed. Binnen enkele hoofdstukken is duidelijk dat er totale verloedering op aarde heerst. Hemelse schepselen hebben zich zelfs fysiek gemengd met de aardse schepping. (Genesis 6) God grijpt in en eindigt het eerste bedrijf met de zondvloed. Het tweede bedrijf: God openbaart zich (Abraham tot Jezus) Een nieuw begin en een ander tijdperk. Nu niet met twee maar met acht mensen en wellicht met een nieuwe verordening voor de hemelse schepsels. Géén fysieke menging meer! De verloedering groeit alweer net zo snel, en men wil tot in de hemel gaan bouwen. God verspreidt de schepping over de aarde na de toren van Babel. Dan kiest God één man op deze aarde. Abraham! God maakt hem tot een van de aartsvaderen voor de wereldbevolking, maar specifiek tot de voorvader van tenminste één heel nieuw volk dat God voor zichzelf heeft gekozen. De Joden. Als zij tot een volk uitgegroeid zijn, maakt God zich bekend via Mozes. Hij laat hen zien hoe machtig Hij is door hen te bevrijden van de Farao. Niet onzichtbaar, maar duidelijk zichtbaar. Hij laat hen zien hoe goed Hij is. Hij geeft hen zijn wet. Gods moraal komt op de wereld. Maar die geschiedenis is bekend. Ondanks al deze buitenaardse wonderen en tekenen lukt het de Joden niet om God te vertrouwen, Hem te volgen en te gehoorzamen. En zij zijn zeker geen succesvol voorbeeld. Het mislukt volkomen. Het patroon van het eerste bedrijf herhaalt zich. In ongeveer dezelfde tijdspanne is de wereld opnieuw een totale gewelddadige leefomgeving. Het ene rijk na het andere rijk, staat op, overloopt elkaar in strijd en oorlog. Volken slachten elkaar af en maken na de overwinning de rest van het verslagen volk tot hun slaaf. Het blijkt een repeterende cyclus die ook meer niet zal stoppen. Het derde bedrijf: God komt zelf (van Jezus tot nu) Weer een nieuw begin en een nieuw tijdperk. God komt zelf . Hij komt niet als rechter, of als de almachtige schepper. Hij komt als redder in de vorm van Jezus Christus en Hij komt als mens. Jezus is een man die niet alleen het goede toont en spreekt, maar het goede zelf belichaamt. In Hem is geen kwaad gevonden en volkomen zuiver en onschuldig is Hij gekruisigd en monsterachtig ter dood gebracht. Ook God zélf wordt door de wereld verworpen! En opnieuw... is de wereld in een staat van totale verloedering terecht gekomen. In ongeveer dezelfde tijdsperiode als in het eerste en het tweede bedrijf herhaalt de cyclus zich opnieuw. Het is een gewelddadige, misleidende en misbruikende wereld, waarin opnieuw het ene rijk het andere rijk aftroeft, afslacht en de ander of het volk probeert tot knecht te maken. Wat is het verschil in het derde bedrijf? Maar wat niemand op dat moment begrijpt, niet de mensen op aarde en niet de geestelijke machten, is dat God hier Zijn eigen plan volgt. Met deze kruisdood, is het God die als mens, voor de mens, diens schuld van de dood inlost. De straf die het rechtvaardige gevolg was, van het verbreken van het verbond (zowel van Adam als van Abraham) is voldaan. Daarmee is het verbond hersteld. De mensheid als het collectief van de hele schepping is vrijgesproken van alle zonden vanaf het begin. Met dien verstande dat de mens nog altijd zelf vrijwillig dient te kiezen voor God. Om Hem aan te nemen en te accepteren als de schepper en in het offer en de opstanding van Jezus te geloven, waarmee de fysieke dood niet meer het einde betekent. De gemeente ontstaat De kerk, de heiligen, de rechtvaardigen, of hoe ze verder ook zijn genoemd, in het derde bedrijf is er één verschil. De gemeente! Het Evangelie van Jezus wordt verspreidt en de gemeente ontstaat. God heeft Zijn verhaal laten optekenen en Zijn geest achtergelaten. In dit derde bedrijf kiezen mensen vrijwillig voor God. Zonder dat God zichtbaar, en zonder tastbaar bewijs, kiezen zij het goede. Zij kiezen hun eigen vader. Zij kiezen voor hun schepper. Ze kiezen voor waarheid. Ze kiezen voor God! Niet omdat het makkelijk is. Integendeel juist. Het is ondanks diep lijden, zware vervolging en zelfs tot in de dood. Dat is geen logische keuze. Dat is geloof! En precies daar ligt de kern van de hele rechtszaak. De gemeente als bewijsstuk De aanklager heeft altijd beweerd: " Geef mij een mens die zonder dat U zichtbaar bent, zonder bewijs, zonder grote wonderen en zonder voorkennis, en die voor U zal kiezen. Geloof in u is gebaseerd op wat U geeft, niet op wie U bent. " Maar al vanaf het vroege begin van de gemeente, van de eerste martelaren voor de ogen van Paulus en in het Colosseum van Rome, tot de vervolgde christenen van vandaag in China, Noord-Korea, Nigeria en in het Midden-Oosten, getuigen van het tegendeel. Zij hebben geen bewijs gezien, kregen niet de wonderen te zien die de Joden voor hun eigen ogen zagen gebeuren. Zij hebben alleen het verhaal van de Bijbel en het Evangelie gehoord. Ze geloven in de belofte en hebben hun onzichtbare Vader liefgehad. Zelfs toen het hen alles kostte. " Opdat nu door de gemeente aan de overheden en de machten in de hemelse gewesten de veelvuldige wijsheid van God bekendgemaakt zou worden. " Deze tekst nu nog eens, maar dan in de volle kracht van de betekenis. De gemeente is niet alleen een verzameling geredde individuen. De gemeente is het bewijsstuk in de hemelse rechtszaal. Zij toont aan de hemelse machten, aan de aanklager zelf, dat Gods wijsheid volkomen is. Dat er een schepping mogelijk is die wél trouw blijft. Niet omdat ze moet, maar omdat ze dat wil. Uit vrije liefde. In geloof! De rechtszaak is beslecht en de aanklacht van de satan is weerlegd. De rechtszaak is beslecht De gemeente heeft bewezen wat de aanklager ontkende. Er is een schepping gevonden die trouw blijft aan God, zonder enig zichtbaar voordeel. En dit is waarom God het kwaad heeft toegelaten, lieve mensen. Niet omdat Hij de bedenker ervan is geweest. Maar omdat de vrije keuze voor het goede , de keuze voor relatie, voor liefde en voor vertrouwen, alleen betekenis heeft als de keuze voor het kwade ook reëel is . God heeft de geschiedenis niet alleen laten gaan om ons te redden. Hij heeft haar laten lopen om aan hemel en aarde te bewijzen dat het kwaad geen énkele plek meer verdient in Zijn schepping. Wat dit betekent voor Gods oordeel? Gods rechtvaardigheid om een tot kwaad geworden schepping te vernietigen is nu niet meer alleen een daad in willekeur van Zijn almacht. Het is nu ook een daad van gerechtigheid. Het vonnis is onontkoombaar geworden. De dood en de doodstraf kunnen niet meer worden uitgesproken door de aanklager, want Jezus heeft de sleutels van de dood en het dodenrijk afgenomen ( Openbaring 1:18 ). De straf van de satan is eeuwig. Het kwaad zal worden uitgeroeid. Niet omdat God willekeurig oordeelt. Maar omdat de hele schepping, hemel en aarde, het met eigen ogen heeft gezien: Het kwaad leidt tot niets anders dan vernietiging ! Vooruitblik: wat betekent dit voor de Opname? Dit brengt ons bij de vraag waarmee ik deze serie ben begonnen. Als de gemeente het bewijsstuk is in een kosmische rechtszaak, wat vertelt ons dat dan voor de timing van de Opname? Kan de gemeente dan verdwijnen voor de Grote Verdrukking? Of is ze juist dan bedoeld om zichtbaar te zijn en haar volle getuigenis te kunnen geven? Dat zijn werkelijk belangrijke vragen die, in mijn beleving, bepalen hoe wij ons voorbereiden. Rekenen wij op een ontsnapping of op volharding? En dat is wat we in het volgende deel gaan onderzoeken. #ikbeneenkindvanGod

  • Wat is de waarheid van "The Rapture"?(13) Zoete smaak, bittere vertering

    Laten we openen met het slotvraagstuk van deel 12: Als de gemeente het bewijsstuk zou zijn in een kosmische rechtszaak, kan de gemeente dan verdwijnen voor de Grote Verdrukking? Of is ze juist dan bedoeld om zichtbaar te zijn en haar volle getuigenis te kunnen geven? Voor de volledigheid is het goed om dan eerst nog wat nieuwe inzichten toe te voegen, die nog niet aan de orde zijn geweest. Bijvoorbeeld over het boekje dat Johannes moet opeten in Openbaring 10 en wat zijn 'de laatste dagen' vanuit het Bijbelse perspectief? Om met 'de laatste dagen' te beginnen, zijn er meerdere apostelen die hetzelfde zeggen. Géén van hen ziet de laatste dagen als verre toekomst, maar verklaren dat die zijn begonnen met de komst van Jezus en het volbrengen van het offer. In één tekst plaatst Paulus Jezus nadrukkelijk in de laatste dagen én bevestigt hij tegelijk ook de drie tijdperken. De perioden die God gebruikt voor bewijsvoering, tot in het derde bedrijf waarin de gemeente een rol speelt. Hebreeën 1:1-2 " Nadat God voorheen vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had door de profeten , heeft Hij in deze laatste dagen tot ons gesproken door de Zoon " In zijn toespraak tijdens Pinksteren (als Jezus al terug is in de hemel) citeert Petrus de profeet Joël in Handelingen 2:17 " En het zal zijn in de laatste dagen , zegt God, dat Ik Mijn Geest zal uitstorten van op alle vlees... " En in 1 Petrus 1:20 " Hij (Christus) is wel van tevoren gekend, vóór de grondlegging van de wereld, maar in de laatste tijden geopenbaard omwille van u. " Ook Johannes, Jakobus en Judas schrijven gelijksoortige teksten. Paulus gebruikt verschillende beschrijvingen , in meerdere brieven, maar het is één boodschap: Met Jezus... is de eindtijd begonnen ! Met Jezus zijn de laatste dagen begonnen... Zij melden dat Hij na de hemelvaart aan de rechterhand van Zijn vader zit en dat Zijn koninkrijk dan al is gevestigd. Het is alleen nog niet voltooid. Niet op aarde. Johannes vertelt het ons in Openbaring 12:10-12 " En ik hoorde een luide stem in de hemel zeggen: Nu is gekomen de zaligheid, de kracht en het koninkrijk van onze God en de macht van Zijn Christus , want de aanklager van onze broeders, die hen dag en nacht aanklaagde voor onze God, is neergeworpen . Openbaring 12 is een sleutelhoofdstuk middenin het boek. En dat geeft ons een klein inkijkje in het tijdsbesef vanuit een kosmisch perspectief. Want hier lezen we hoe 'de vrouw' een zoon baart, waar de draak op aast. Maar die wordt direct na de geboorte weggerukt naar God en Zijn troon. Dat zijn hier de 33 jaren van Jezus op aarde, in een vingerknip. Dan volgt er oorlog in de hemel, staat er. De aanklager is zijn functie verloren en is neergeworpen op de aarde. Merk op dat het de engel Michael is die, met zijn leger engelen, deze oorlog tegen de draak voert. Jezus zit gewoon op de troon naast de Vader. Dat zegt veel over de omvang van Gods controle. Vers 12 zegt dan: " Wee hun die de aarde en de zee bewonen, want de duivel is naar beneden gekomen, naar u toe, in grote woede, omdat hij weet dat hij nog maar weinig tijd heeft ." De draak richt zijn woede nu op het 'overige nageslacht' van de vrouw. Zij heeft eerst Jezus gebaard, in deze profetie. Het overige nageslacht van de vrouw nádat zij Jezus heeft gebaard, zijn dus niet de Joden. Dat zijn de volgelingen van Jezus, dat is ' de gemeente '. Maar eigenlijk komt alles samen in het vers ertussen. Lees Openbaring 12:11 " En zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis , en zij hebben hun leven niet liefgehad tot in de dood. " De laatste dagen beginnen met Jezus die als overwinnaar terugkeert in de hemel: " Zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam EN, tweede gedeelte: Door het woord van hun getuigenis , en zij hebben hun leven niet liefgehad tot in de dood. Dat is de gemeente! De draak is overwonnen door het bloed van Jezus , maar dat wordt zichtbaar en bevestigd door de trouw van de gemeente . De gemeente 'die de veelvuldige wijsheid van God toont' aan de krachten en machten in de hemelse gewesten. En die overwinning gebeurde niet via een ontsnapping, maar door liefde, trouw en geloof, met volharding tot in de dood . Dát is wat hier staat! De overwinning is in Christus en in het hemelse oordeel over Satan, al behaald. Maar de uitwerking en voltooiing ervan in de aardse geschiedenis, en dus in het leven van elke individuele gelovige, is nog niet afgerond. Er komt nog een vierde bedrijf uiteraard. Dat is de periode van het vonnis, van de veroordeling en de gevangenzetting. Maar het derde bedrijf is het laatste bedrijf in de bewijsvoering en eindigt met de wederkomst van Jezus. Wij leven zo al bijna 2000 jaar in wat de Bijbel de 'laatste dagen' noemt. De aarde zucht onder een woedende draak. Die gaat rond als een briesende leeuw, op zoek naar wie hij kan verslinden, vanwege de al verloren strijd in de Hemel. Nog vóór deze onthullingen in hoofdstuk 12 wordt Johannes wordt gevraagd om een boekje op te eten. Het smaakt in zijn mond als honing, maar het werd bitter in zijn buik. En direct daarna zegt de Engel in Openbaring 10:11 " U moet opnieuw profeteren over vele volken, naties, talen en koningen " David zegt in Psalm 119:103 : " Uw woorden zijn zoeter dan honing " Jeremia verklaart ons in Jeremia 15:16 : " Zodra Uw woorden werden gevonden at ik ze op. Uw woord was mij tot vreugde, en tot blijdschap in mijn hart, want Uw naam is over mij uitgeroepen. " Maar iets verder uit vers 17-18: " U hebt mij met gramschap vervult. Waarom is mijn lijden er voor altijd en is mijn wond ongeneeslijk, weigert hij te genezen ?" Het beeld van het boekje is de 'grotere opvolging' van de boekrol die Ezechiël opeet. Ook die is zoet in de mond, maar de boodschap ervan uitdragen is bitter en vol oordeel. De boodschap van Ezechiël is alleen voor Israël, al wetende dat die niet naar hem zullen luisteren. Hij profeteert voor de Joden. Dat is het tweede bedrijf. Ezechiël is naar Israël gezonden, Maar de boodschap van Johannes is voor de heidenen en Johannes krijgt de opdracht om " opnieuw te profeteren ". Maar nu over vele volken, naties, talen en koningen " Dat betekent wereldwijd, en dus ver voorbij de zeven gemeenten in Asia. Johannes profeteert met de Openbaring van Jezus in het derde tijdperk. Maar het is nog altijd precies dezelfde waarheid. In de 400 verzen die Openbaring bevat, wordt meer dan 600 keer naar het Oude Testament verwezen. Deze dienstknechten van God wordt gevraagd eerst zelf te ervaren wat ze moeten verkondigen. En de boodschap is heel duidelijk: " Gods woord is prachtig om te ontvangen, het is zoet omdat het waarheid is en omdat het leven geeft. Maar het is tegelijkertijd bitter omdat deze waarheid zwaar is om te leven en uit te dragen. Want deze wereld onder heerschappij van het kwaad wil zeker Gods waarheid niet ontvangen. Wat mij dit beeld ook zegt, is dat de gemeente niet geroepen is om aan die bitterheid te ontsnappen, maar om het te verteren en te doorleven. En om daar doorheen het getuigenis te zijn. Voor hemel en aarde.... Maar is er een ontsnapping aan het einde, voor wie nog leven als de dag komt...? Want er is nog een andere boodschap, een ander geluid. De stem van binnen die zegt: " Misschien hoef ik er niet doorheen. Misschien is er een ontsnapping. " Die stem is aantrekkelijk. Ze belooft rust, veiligheid en ontwijking van echte moeilijkheden. Wat doet dat geloof met je? Hoe beïnvloedt het je voorbereiding, je houding, je leven? En wat gebeurt er als 'de reddingsbrigade' waarop je wachtte, niet komt? Die vragen onderzoek ik in de volgende delen. #ikbeneenkindvanGod

  • Wat is de waarheid van "The Rapture"?(11) Waarom God het kwaad toestaat

    De Rechtszaak van hemel en aarde Er vindt zonder twijfel, ongelooflijk veel kwaad plaats in de wereld. Dat is niet onzichtbaar, maar juist heel zichtbaar, tastbaar en voelbaar. Het breekt levens, relaties, verwoest gezinnen en misvormt alles wat goed bedoeld was. Het lijden en de gebrokenheid op de wereld is overweldigend groot. En we hebben gezien dat de Bijbel het ook niet ontkent. Integendeel, zij kijkt het recht in de ogen. De Bijbel bevestigt de aanwezigheid en waarschuwt ervoor. En we zagen ook de dubbele waarheid: God schept het kwaad niet, maar niets gebeurt buiten Hem om . Het is wel wat God toelaat , maar het reflecteert niet Zijn karakter. En dat is waarom de vraag blijft terugkomen: WAAROM laat God het toe ? Kwaadaardigheid op deze wereld Wij voelen ons een slachtoffer! Machteloos en hulpeloos. We willen het geluk allemaal zó graag. Maar als we het op 'een' gebied bereiken, dan blijkt dat het voor ons onmogelijk is om het vast te houden, zoals wij het graag zouden willen vasthouden. Want het breekt! In welke vorm dan ook. Altijd! De grens van ons begrip Dat is het punt waarop wij als mens vastlopen. Wij willen balans. Wij willen een verklaring die past binnen ons rechtvaardigheidsgevoel. Wij willen begrijpen hoe goed en kwaad naast elkaar kunnen bestaan onder een goede en almachtige God. Maar die uitleg is er niet. Zelfs niet voor gelovigen met het privilege om de Bijbel met Gods plan te hebben. En dat komt omdat het om iets fundamenteel anders gaat dan om antwoorden. Want wat de Bijbel wél doet, is ons steeds meenemen in een werkelijkheid die veel groter is dan ons menselijke perspectief. Het is de werkelijkheid waarin zichtbaar wordt dat de geschiedenis van de mens geen losstaand verhaal op zich is, maar een onderdeel van iets veel groters. Dat is eigenlijk wat Paulus ons vertelde over "De Gemeente" in de Efeze brief. (zie deel (9)) " De gemeente die Gods veelvuldige wijsheid toont, aan de hemelse machten en krachten ." Dat was een krachtige openbaring vanuit de Bijbel, die ik tijdens het schrijven van deze serie ontdekte. Wij zijn als ' de gemeente ' een getuigenis in de bewijsvoering van God. Een bewijsstuk in een rechtszaak tegen de aanklager. Er is een omvangrijke kosmische rechtszaak gaande. De aanklager In de hemelse gewesten is er een aanklager. De Bijbel geeft hem verschillende namen: satan, duivel, "de vader van de leugen" (Johannes 8:44). Maar de titel die voor deze serie belangrijk is, kennen we uit Job en hij raakt die functie kwijt in Openbaring 12:10 : " De aanklager van onze broeders, die hen dag en nacht aanklaagde voor onze God, is neergeworpen ." De satan is niet zomaar iemand. Hij is een aanklager . En zijn aanklacht is serieus! Hij zaait twijfel over de kern van Gods rechtvaardigheid en aan de oprechtheid van de schepping. Wat was zijn aanklacht in Job? Dat geloof niet oprecht is. Dat mensen God alleen dienen uit eigenbelang. In een vrije LXX vertaling zegt de satan tegen God in Job 1:9-11 : " Is het soms zonder reden dat Job God vereert? U heeft hem alles gegeven, maar tast alles aan wat hij heeft… en hij zal U in Uw aangezicht niet zegenen (vervloeken) ” Die aanklacht ligt heel dicht bij de waarheid: Geef een mens voorspoed, dan komt zijn ware aard boven. Geef een mens lijden, dan keert die zich tegen God. Deze aanklacht is tegen de hele mensheid gericht. En daarmee ook tegen God Zelf. Want als de aanklager gelijk heeft, dan is Gods schepping fundamenteel mislukt. Dan is er geen enkele schepping die vrij en trouw kan liefhebben. In deze zaak wordt Gods rechtvaardigheid aangeklaagd, en daarom is er bewijs nodig. Relatie als uitgangspunt In deel 4 vertelde ik dat de kern van Gods schepping 'relatie hebben' is. God heeft, met de schepping van de mens, het aangaan van relatie ontworpen. Maar een echte relatie kan nooit bestaan zonder vrijheid. We erkennen dat zelf al als we zeggen: " God wilde geen robotjes " Een wereld waarin alleen het goede mogelijk is, is geen echte relatie. Dat is programmering. God heeft de mens niet gemaakt als een wezen dat automatisch het goede doet , maar als iemand die het goede kan kiezen . Zonder dwang. Dat zei Jakobus ons in het vorige deel (10) Niemand dwingt ons tot de zonde. En zo kun je dus ook kiezen voor het goede. Voor God dus. En in deel 4 schreef ik ook dat God ons geen zicht had gegeven op de geestelijke realiteit. Besef dat er dus ook geen enkele vorm van voorkennis geweest, om onze keuze al vóóraf te beïnvloeden. Wij hadden géén kennis van het kwaad, maar dat was er al wel. In de hof van Eden, kenden wij God wél, maar de slang niét. En toch is ervoor gekozen om de leugen van de slang te geloven en daarmee Gods orde en waarheid af te wijzen. En in Gods rechtvaardigheid betekende dat de dood. Genesis 2:17b " Want op de dag dat u daarvan eet, zult u zeker sterven... " Wat de schepping heeft aangetoond En hier is waar het echt confronterend wordt. De mens heeft al het goede gekregen dat maar te bedenken was. Iedereen zou met de kennis van nu, in die wereld van Adam en Eva willen leven. Maar de schepping heeft ook aangetoond wat er gebeurt als het vertrouwen in God wordt losgelaten. Met de beginwaarden; Hebzucht en Hoogmoed. In de kern; " Ik wil meer dan ik nu heb. Ik wil wat iemand boven mij heeft ." Want dat is precies de leugen waar het mee begon: " Uw ogen zullen worden geopend en u zult als God zijn en goed en kwaad kennen ." Dat was maar half waar, want de ogen gingen open en het kwaad leerden we kennen, maar als God werden we niet. Dus vanaf het vroege begin af zien we hetzelfde patroon, dat in de mensheid nog nooit is veranderd. We geloven niet wat God zegt, we willen zelf als God zijn en daarom zijn we bereid tégen zijn waarheid te kiezen om het zelf te ontdekken. We willen altijd meer dan we nu hebben. En dat eindigt altijd in verval en vernietiging ! De schepping kan niet bestaan zonder haar Schepper. Een onbetwiste waarheid. De wereld van de mens vernietigt zichzelf onvermijdelijk, vroeg of laat, onder invloed van het geestelijke kwaad en de acceptatie van de leugen door de mens. En de mens kan zichzelf niet redden. Dat is wat de schepping onbetwist heeft aangetoond en dat heeft ze gedaan in drie verschillende situaties en omstandigheden. Hierin zijn wij als mensheid een onderdeel van de bewijsvoering in een hele grote kosmische rechtszaak. Het verhaal vindt plaats in drie bedrijven. En dan... is daar ook 'de gemeente'. Maar de rechtsgang en de bewijsvoering in deze kosmische rechtszaak, zal ik gaan beschrijven in het volgende deel. #ikbeneenkindvanGod

  • Wat is de waarheid van "The Rapture"? (10) De oorsprong van het kwaad

    We hebben deel (9) achtergelaten met het spanningsveld dat de Bijbel het 'waarom' van het kwaad niet echt verklaard. Dat zijn de 'grotere' geloofsvragen, niet waar? Het is precies de vraag die mij pas nog werd gesteld door een intelligente jongeman die het geloof onderzoekt: " Als God alles geschapen heeft, dan ook de satan toch? Dat zou dan toch moeten betekenen dat God niet honderd procent zuiver goed is " Het zijn ook logische vragen, als je redeneert vanuit een menselijke orde en niet gelooft en gegrepen bent door de Heilige Geest. Dat is geen excuus om de vraag te ontwijken . Het perspectief van waaruit je kijkt, maakt een wezenlijk verschil. Want de Bijbel lezen als je hebt besloten om te geloven, werpt een heel ander licht op God, de mens en het kwaad. Laten we dat eens op een dieper niveau gaan bekijken. Want de Bijbel vertelt ons ook in de platte tekst er wel degelijk wat over. De twee waarheden die naast elkaar staan De Bijbel laat twee lijnen zien die tegelijk waar zijn: 1) God is volledig soeverein; niets valt buiten Hem Romeinen 11:36 “ Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen .” Uit 1 Kronieken 29:11–12 " Van U, HEERE, is de grootheid, de macht, de luister, de kracht en de majesteit. Want alles wat in de hemel en op de aarde is, is van U... " "... U heerst over alles " 2) Het kwaad komt niet voort uit God. Hij is niet de bron Jakobus 1:13 " God kan niet verzocht worden met het kwade en Hij Zelf verzoekt niemand. ” 1 Johannes 1:5 “ God is licht en in Hem is in het geheel geen duisternis ” Dat is wat, menselijk gezien, het spanningsveld brengt. Want de satan is een schepsel en de mens is nota bene gemaakt naar Gods evenbeeld. Genesis zegt over de schepping van de mens: " En God zag dat het zeer goed was " De vraag blijft dus: Waar komt dan het kwaad of de zonde wél vandaan ?" Heeft God het kwaad geschapen? Dat lijkt God zelf te zeggen in: Jesaja 45:7 " Ik ben de HEERE, en niemand anders. Ik formeer het licht en de duisternis, Ik maak de vrede en schep het kwaad ; Ik, de HEERE, doe al deze dingen. " Ah, dus toch? ...Nee, toch niet! De Bijbel spreekt namelijk over “kwaad” in een brede zin een werkelijkheid die ook onheil, ziekte en oordeel kan omvatten. Het hier gebruikte Hebreeuwse woord ' ra ' is in de SV en de NB correct vertaald met kwaad, maar betekent ook rampspoed, onheil en oordeel. In deze context gaat het niet over 'moreel kwaad' of zonde, maar over Gods hand in de geschiedenis. De Septuaginta zegt hier dan ook 'kwade dingen' en, net zoals de HSV, hebben de meeste andere vertalingen zelf die nuance al aangebracht door hier onheil of rampspoed te plaatsen. Maar daarnaast is er ook moreel kwaad . Dat is wat de Bijbel zonde noemt. Er is onderscheid tussen kwaad en kwaad. Want niet al het kwaad is zonde, maar alle zonde is wél moreel kwaad. De Bijbel vertelt ons meer, via Jezus, Johannes en Jakobus. 1) Jakobus vertelt ons hoe zonde ontstaat. 2) Johannes vertelt ons wat de zonde is. 3) Genesis, bevestigd door Jezus, laat zien waar de verleiding vandaan komt. 1) Hoe ontstaat de zonde? Jakobus legt het uit en maakt er zelfs een bijna biologisch proces van. Het zaad dat wordt ontvangen maakt zwanger en baart zonde, die uitgroeit tot de dood. Jakobus 1:14–15 " Maar ieder mens wordt verzocht, als hij door zijn eigen begeerte wordt meegesleurd en verlokt. Daarna, wanneer de begeerte bevrucht is, baart ze zonde, en wanneer de zonde volgroeid is, baart ze de dood. " Zonde ontstaat dus niet doordat iets of iemand de mens dwingt, maar doordat een innerlijk verlangen wordt gevolgd wat uiteindelijk tot zonde leidt. 2) Wat is de zonde? Johannes gaat een nog stap verder en geeft ons de korte, maar krachtige definitie: “ De zonde is de wetteloosheid . ” ( 1 Johannes 3:4 ) Volledige tekst: " Ieder die de zonde doet, doet ook de wetteloosheid; want de zonde is de wetteloosheid . " Vanuit het Grieks is dat veel sterker dan alleen maar 'slechte daden' doen. Het betekent " leven los van Gods orde of wil " Dat is niet een regel overtreden, maar dat is je tegen de moraal van je eigen maker keren. En dat kan eigenlijk niet, als je zonder Hem niet zou bestaan. 3) Wat is dan het zaad, dat de mens verzoekt? De Schrift laat ons ook zien dat verleiding niet geheel uit het niets komt. Het is de verdraaiing van Gods woord, die misleidt en twijfel zaait. En daarmee wordt er een ander perspectief gepresenteerd. De slang die in de Bijbel verschijnt geeft ons de eerste voorbeelden hiervan in Genesis 3 : “ Heeft God werkelijk gezegd dat… ?” " U zult zeker niet sterven... " De draak of de slang die zich presenteert als een engel van licht. Jezus vertelt ons over de duivel in Johannes 8:44 : " Hij was een mensenmoordenaar van het begin af.. Hij staat niet in de waarheid, want er is in hem geen waarheid. Wanneer hij de leugen spreekt, spreekt hij vanuit wat van hemzelf is , "want hij is een leugenaar en de vader van de leugen." De 'vader' van de leugen, dat betekent de verwekker ofwel de bron. Er ontstaat hier een helder beeld De bron van de leugen komt van buiten . Maar die vindt aansluiting bij de mens van binnen . Door zijn eigen begeerte. Dat is wat Jakobus duidelijk maakt. Zonde ontstaat dus van binnen. Er is geen dwang. Het is een persoonlijke keuze om de verleiding te accepteren en te volgen, of die te weerstaan en af te wijzen. Maar, als een schepsel de leugen aanneemt, draait die God de rug toe en maakt zich daarmee los van God als de bron van waarheid en de bron van het leven. Je afkeren van wie je het leven geeft, betekent dus je wenden naar de dood die van de leugen is. Dat maakt het een pijnlijk en confronterend beeld: De leugen komt van buiten, De begeerte werkt van binnen, De keuze maakt het persoonlijk, De uitkomst is zonde door God de rug toe te keren. En die zonde is dan de wetteloosheid. Dat is niet het overtreden van regels, maar het loslaten van Gods gezag, door zélf te bepalen wat goed of fout is. We zouden dus kunnen zeggen; " Zonde ontstaat wanneer een 'geschapen wil' zich afkeert van God ." Dat is misschien geen volledige verklaring van het kwaad. Maar het is in mijn beleving waarschijnlijk het dichtstbijzijnde antwoord dat de Bijbel ons geeft. Gelukkig is er nog veel meer. Maar dat nemen we mee naar het volgende deel... #IkbeneenkindvanGod

Inschrijfformulier

Bedankt voor de inzending!

  • LinkedIn

2024 door WeekvandeLeek.

bottom of page