top of page

Als tijd en ruimte geen invloed heeft

Nog niet zo lang geleden ben ik begonnen met een niet alledaagse, maar bijzonder interessante cursus. De Aleph cursus. Hebreeuws - "in Zes dagen" zegt de bemoedigende titel. Bijbels leren denken vanuit de Hebreeuwse taal. Nou, dat is direct een openbaring op zich, kan ik u zeggen.


Wij houden ons met z'n allen bezig met taal op allerlei manieren. Maar de taal zelf zegt in de westerse wereld helemaal niets. De A is een A en heet ook een A. Met wat fantasie lijkt het teken op een passer die je vroeger nog bij wiskunde moest gebruiken, maar een A heeft op zich verder geen enkele betekenis. Nu weten wij ook niet beter en kennen we het ook niet heel veel anders. Daarom denken we daar ook helemaal niet verder over na, natuurlijk.


Maar als je dat dan gaat vergelijken met de Bijbelse taal, dan is wat wij kennen volkomen leegte. Dat zal ik laten zien, terwijl ik deze taal zelf nog helemaal niet ken of kan spreken. Ik ben net pas begonnen met de eerste letters. Maar hoe bijzonder dat het dan toch meteen de aandacht grijpt. Met name vanwege de rijkdom van de diepte en de reikwijdte van de zeggingskracht. Het blijkt op alle fronten Gods taal te zijn.


Want om te beginnen is het Hebreeuws de enige taal op deze aarde die ooit is gestorven, maar ook weer volledig uit de dood is opgestaan. Wat een bijzondere overeenkomst, nietwaar? We noemen namelijk een oude historische taal, die niet meer wordt gesproken, een dode taal. Van een beschaving die in verval is geraakt of als het niet meer dagelijks wordt gebruikt als voertaal. Het Hebreeuws is als een dode taal beschouwd nadat het bijna 2000 jaar geen volk meer had om het te spreken.


Dit is wat Wiki hierover zegt: In 1914 werd het Hebreeuws weer de taal van het Joodse deel van Palestina. Dat was onder meer vrucht van het werk van Eliëzer Ben-Jehoeda, die onder meer een woordenboek had geproduceerd. "Dit is een van de zeldzame voorbeelden van een dode taal die weer tot leven is gewekt." zegt Wikipedia.


Tegelijkertijd wordt datzelfde Hebreeuws-Aramees in de geschreven vorm ook beschouwd als het oudste letterschrift ter wereld. Het is in ieder geval voor het eerst gevonden bij de zogenaamde Sinaïvolken. De Hebreeuwse zustertaal, het Aramees, was de gebruikelijke verkeerstaal in het toenmalige Perzische Rijk. Zoiets als het Arabisch in onze tijd.


Enkele delen van geschriften in de Bijbel zijn dan ook oorspronkelijk in het Aramees geschreven, zoals delen van het boek Daniel bijvoorbeeld. De profeet Daniël, en ook zijn tijdgenoot Ezra, leefden immers in ballingschap in het Perzische Babylonië. (Mesopotamië) Een aantal Oosterse talen waaronder het Arabisch en het Hebreeuws worden ook wel Semitische talen genoemd, wat afstamt van Sem, de jongste zoon van Noach. Kortom, er is brede consensus dat het Hebreeuws een echte oertaal is.


Onze westerse alfabetten zijn echter vrijwel allemaal afgeleid van het Latijns. Ontstaan uit het Oude Grieks en Romeins. Het Latijns zouden we een dichte taal kunnen noemen. Bedoeld om juridisch sluitend te zijn en om ondubbelzinnige juridische formuleringen en waterdichte definities voor de wetenschap mee te kunnen schrijven. Het Hebreeuws is daarentegen juist een open taal. Met name omdat het geen klinkers kent. Er zijn daardoor dus holtes in de taal, die het tot een doorlaatbare taal maken. Er zit vrijheid in.


Dat brengt ook een hele boeiende rijkdom in het doorlaten van Gods boodschap. Daardoor is de taal, ook juist nu in de actualiteit, nog altijd bijzonder levendig. Dat komt met name door een wel heel bijzonder kenmerk in het Hebreeuws. Bij God is immers geen tijd en geen ruimte die het kader beperkt. En zo is de tijdsvorm in het Hebreeuws niet van elkaar losgekoppeld, zoals dat in onze westerse talen wel bestaat.



Het Hebreeuws kent wel een voltooide en een onvoltooide wijs, maar.... niet in een tijdsvorm. Er is geen "voltooid tegenwoordige tijd", geen "voltooid verleden tijd" of een "voltooid toekomende tijd", zoals wij dat kennen. Hetzelfde werkwoord kan in de tijdsvorm zowel het verleden, het heden als de toekomst betekenen. Als God in Genesis dus zegt: Er zij licht, kan het dus net zo goed vertaald worden met; Er was licht, er is licht of er zal licht zijn.


Er is dus eigenlijk niet te zeggen of Zijn schepping is gestopt of niet. Daarmee leeft het dus nog steeds en is ook Zijn scheppingskracht nog altijd actief. Want of God heeft gesproken, nu spreekt of nog zál gaan spreken, bevindt zich dus allemaal in hetzelfde werkwoord spreken. Juist doordat er zich in die lagen een ongekende diepte bevindt en er nog zoveel nuances in schuil gaan, is ook het gesprek erover, nog altijd gaande te houden.


Zo kunnen woorden ook een verschillende vertalingen krijgen en al die woorden zijn goed en feitelijk ook onderling inwisselbaar. Een voorbeeldje om het te verduidelijken:


Zo is Bereshiet het allereerste woord in de Bijbel. Dat bestaat uit het woord Reshiet (Begin) met het voorzetsel Be dat met "In het begin" of "In den beginne" is vertaald. Maar verderop in de Bijbel wordt Bereshiet vertaald met Eersteling, of Eerste vrucht. Als we dan beseffen dat het voorzetsel Be (Reshiet) zowel "in" als "met" kan betekenen zijn er dus hele bijzondere variaties mogelijk.


Zo zou God dus ook geschapen kunnen hebben "MET de Eerste Vrucht" of "MET de Eersteling". Er is gekozen om het zo vertalen als het nu is gedaan, maar ook deze varianten zijn dus mogelijk en kunnen eigenlijk niet fout gerekend worden. Dat werpt mogelijk ook een heel ander licht op de openingsverzen van het Boek Johannes in het Nieuwe Testament.


Helemaal als we beseffen dat de schepping op de éérste dag begon met de scheiding van licht en donker; "Er zij licht" Terwijl op de vierde dag pas de zon en de maan als lichtbronnen werden geschapen. Er was dus licht voordat de zon en de maan er waren. Zullen we dan die openingsverzen erbij pakken van Johannes 1 1:5


1 In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.

2 Dit was in den beginne bij God.

3 Alle dingen zijn door het Woord geworden en zonder dit is geen ding geworden, dat geworden is.

4 In het Woord was leven en het leven was het licht der mensen;

5 en het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet gegrepen.


Ziet u dan hoe de ruimte in de taal, nog altijd tot zoveel nieuwe openbaringen en inzichten kan leiden? Het blijft boeiend en leert ons nog steeds iets nieuws. De gepasseerde geschiedenis levert ook nog steeds nieuwe inzichten op. Dat maakt het ook tot een openbaringstaal. Tot op de dag van vandaag!


Het Hebreeuws is zowel een beeldtaal, een tekentaal en een cijfertaal tegelijk. Het Hebreeuwse alfabet bestaat uit tweeëntwintig letters in totaal. De letters zijn tekens, die op zichzelf een betekenis hebben. Maar elke letter heeft ook een eigen naam, met een echte zinvolle betekenis. Wat bij ons de A heet, is in het Hebreeuws de Aleph (Alef) dat Eersteling betekent. Onze B heet in het Hebreeuws Beth en betekent Huis. Beth Lehem is het "Broodhuis" en zo is Beth El een huis van God.


De laatste letter is de Tav. Een woord dat op zichzelf "Teken" betekend. Maar zowel de tekening, het beeld van de Tav, als het woord staat ook voor het kruis. (Met 'merkteken' in Ezechiël 9:4–6 is in het Hebreeuws de Tav) En met het kruis is de geschiedenis, van het ontstaan van de schepping tot de redding van de schepping, afgesloten.


Maakt het niet verbijsterend helder en duidelijk hoe de Bijbelse taal in het Hebreeuws, niets anders dan Gods taal kan zijn?


Want wie anders dan God alleen heeft zover van tevoren kunnen bedenken dat de Tav het Hebreeuwse alfabet afsluit en dat het teken van de Tav voor het kruis zou moeten staan? Dat met het overlijden van de mens Jezus aan een kruis, het verbond van het Oude Testament van God met Abraham is vervuld. Dat de reis van afdwalen van de schepping op dat moment is omgekeerd. En dus vanaf dat moment in dezelfde tijd weer terugkeert naar haar oorspronkelijke status. Het Testament is vanaf is dat moment in uitvoering gekomen. Het Nieuwe Testament.


Maar goed, terug naar het alfabet, want tegelijkertijd zijn de Aleph, de Beth en de Tav ook gewoon letters en dus op zichzelf onderdeel van een woord. En wat ik al aangaf, elke letter is ook een cijfer. De Aleph is het getal één en de Beth is twee. Er zijn negen letters voor de cijfers 1 - 9, negen letters voor de cijfers 10 - 90. Dat zijn dan achttien letters en dan zijn er nog vier voor de getallen 100, 200, 300 en 400. Daarmee kan dus alles gezegd en berekend worden.


De getal-lijn van de vier komt drie keer voor. De vierde letter is de Daleth (getal 4) en de Mem is als dertiende letter het getal 40. Het alfabet eindigt met de letter Tav, die ook het getal 400 vertegenwoordigd. 4, 40 en 400z Daardoor komt de lijn van de vijf, dus maar twee keer voor. De vijfde letter is de Hé (getal 5) en na de Mem (getal 40) volgt de Nun (getal 50) Zowel de Hé als de Nun vertegenwoordigen een nieuwe fase in het leven. De Hé staat voor de uittocht van het kind uit huis en de Nun voor de intocht van een volk naar het beloofde land.


*Jozua, die met de Joden het beloofde land introk, was zeker niet toevallig de zoon van.... Nun!

Het woord van de laatste letter Tav (400) staat voor een Teken. Een teken als de voorfase van vernieuwing? De volgende en de laatste vernieuwing misschien? Want het getal 500 is het getal van de toekomst. Die er nog niet is. Een Hebreeuwse traditie zegt dan ook: "Zodra we de 23e letter kennen, kunnen we alle vraagstukken die er nu nog zijn oplossen. Dan kunnen we alle geheimen ontraadselen."


De lijn van de letters loopt dus eenzelfde weg langs de geschiedenis van de mensheid als de lijn van de getallen.


We zijn nog maar amper onderweg en het verschil in levendigheid en zeggingskracht van dit alfabet staat, nu al, op eenzame afstand, vind u niet? Maar het verschil wordt alleen nog maar groter. Let maar eens op. Want dan gaan we hier direct ook maar even door met het vergelijk van de cijfers.


Want wij kennen, naast ons alfabet, net als de Romeinen een aparte cijferreeks. Die begint bij ons met het cijfer NUL. Een getal dat niets is. Sterker, het IS niet eens een getal of een cijfer, want het is helemaal niets! Maar toch heeft het een rol gekregen in onze westerse getallenreeks. Dat is onze westerse cultuur binnengeslopen vanuit de Indiase mystiek. De tekentjes voor onze getallen zijn ontleend aan de Islamitische en Arabische cultuur. Mogelijk zijn deze tekens afkomstig uit de Babylonische sterrenkunde. Wat wij hebben komt dus uit de Oosterse Mystiek.


Zo gaat de Indische Godsdienst uit van het "Niets" en is het streven naar een terugkeer in het "Niets" in volkomen tegenstelling tot de Bijbelse Godsdienst van de Een. Die Ene. De NUL bestaat niet in het Hebreeuws. De Bijbel rekent vanuit de Aleph, alles vanuit de Eén. Daarbij heeft elk cijfer als letter dus ook een naam. Cijfers zijn daarmee verteltekens, die elk ook stuk voor stuk betekenisvol zijn. Er zit een verhaal in elk getal. Het woord dat voor tellen en vertellen (cijfers en taal) wordt gebruikt, is in het Hebreeuws dan ook gewoon hetzelfde woord.


Hoe anders als bij ons met 1,2 en de 3, dat op zich allemaal hele zinloze cijfers zijn. In ieder geval betekenisloos. Het heeft niet alleen een hele andere rekenmethode veroorzaakt, maar ook een hele andere cultuur. Want met deze domme nummers, worden wij zelf als mensen inmiddels al genummerd. De rijkdom van de betekenis van het getal 8 als het getal van de innerlijke verrijking en de nieuwe schepping, een nieuw begin na de zevende dag, is bij ons een dubbele NUL om het contrast even heel duidelijk te maken.


De Bijbelse taal is in tegenstelling tot onze westerse talen dus juist een hele levende taal. En niet alleen in technische zin. Je gelooft het bijna niet, maar er is nóg meer. Want het verschil begint nu eigenlijk zo groot te worden als hemel en aarde, goed en kwaad oftewel leven en dood. Want we komen terecht bij de 'manier' van schrijven. Het Hebreeuws staat namelijk NIET op een denkbeeldige schrijflijn, maar hangt ONDER de denkbeeldige schrijflijn. In onze taal of talen schrijven we juist OP de lijn.


Dat lijkt misschien een hele kleine nuance, maar dat is in de symboliek eigenlijk een heel volkomen en fundamenteel onderscheid. Onze taal komt, als het ware, op die manier vanuit de mens. Vanuit het IK, bouwen we het op. Vanaf de aarde zeg maar, terwijl, symbolisch gezien, het Hebreeuws ons dus is 'gegeven' vanuit de hemel. Sterker nog, het woord Hebreeuws betekend op zichzelf; "komend van de overkant"

Hebreeuws betekend "komend van de overkant"

Daarbij wordt het van rechts naar links geschreven. Daarmee volgt het de maancyclus. Terwijl onze westerse taal van links naar rechts de cyclus de aarde ten opzichte van de zon is. De zon die in ongeveer alle culturen een afgod betekend. De grootste feesten in de heidense cultus zijn de zonnewende en het midwinterfeest. (NB: dat is onze Kerst) De twee grootste feesten van de Bijbel zijn maanfeesten. Pesach en Sukkot, Het Bijbelse jaar is een maanjaar, terwijl wij met een zonnejaar tellen.


Ziet u het? Ziet u hoe de tegenstellingen eigenlijk niet groter hadden kunnen zijn, en hoe de dualiteit ook in de talen van de wereld spreekt en niet verder uit elkaar hadden kunnen liggen?


Er is maar één taal geweest, die door God is ingesteld. Het is Zijn taal geweest die voor ons als Zijn schepping bedoeld was. Die Hij na de Babylonische spraakverwarring heeft bewaard voor de Joden toen Hij hen uitkoos als Zijn volk. In deze taal heeft Hij geschapen en in deze taal heeft Hij Zijn zoon, als mens op deze aarde, laten spreken.


Alle andere talen spreken nergens zo indringend tot ons als deze taal, als we die beter zouden begrijpen. Want deze 22 letterwoorden vertellen met hun betekenis ook de hele lijn van Gods leiding door onze menselijke geschiedenis heen.


Het oude Grieks is afgeleid van het Hebreeuws. Het begin met de Alpha en Aleph, de Beta en Beth, Gamma en Gimel, Delta en Daleth zijn duidelijk verwant. De Z is als Zeta net als in het Hebreeuws Zajin de zevende letter. Maar dit heilige getal van de zevende dag, de rustdag is via het Latijns in de westerse talen bij ons, naar het eind is verdreven. Nog ná de X, als de onbekende.


Ook in het Grieks hadden de letters dus namen, maar die hadden al geen eigen betekenis meer. De Griekse letterwoorden waren ook telwoorden, maar zij kenden de Arabische tekens nog niet. De Romeinen gebruikten een apart tel-letter systeem, dat bij ons beter bekend is. Er wordt geteld met de I, V, X, L, D en de M.


De Grieken zijn echter het eerste volk, in de Indo-Europese cultuur, die de schrijfrichting tegengesteld maakten aan het Hebreeuws.

Daarbij wordt de tekst dus ook opgebouwd vanáf de denkbeeldige schrijflijn. Daarmee hebben ze het 'Goddelijke denken' omgebogen naar het 'menselijke denken' met een eigen onafhankelijke filosofische traditie.


Vanuit het menselijke denken is vanuit het IK denken. Precies zoals in de tijd van Babel, toen God ingreep. Dat is het tegengestelde denken eigenlijk.


Vanuit het Oude Grieks, het Romeins en het Latijns is immers ook het valse Katholieke geloof ontstaan in de eerste eeuwen na de Jezus kruisiging. Zij hebben de moeder-Godin Ashjera verstopt in de gedaante van de Heilige Maria. Zo hebben ze het levende Evangelie van Jezus Christus ("de énige weg tot de Vader" - "Ik ben de weg, de waarheid en het leven") sluw gedegradeerd en tot een "bijgeloof" weten te transformeren, náást Ashjera.


Alles samen onder de naam Universeel (want dat is wat Katholiek betekent) om tot een wereldreligie te kunnen komen. Maar het verschil ertussen is van de dag tot de nacht. Het is het morele kompas met een verantwoordelijk kader, tegenover een volkomen kaderloos ingerichte maatschappij, waarbij het recht van de sterkste geldt. Dat lijkt met de veelvoud aan wetten die wij hebben ontwikkeld misschien niet zo. Maar dat is de schijn van de misleiding.


Elk recht, elke afspraak en elke natuurwet, mag immers bevraagd worden of het mag met overtreden of afgenomen worden. Zonder dat een zwakkere tegenstander zich kan verweren. Dat kan gewoon en gebeurt ook gewoon. Met overmacht of door geweld, als niet al met een meerderheid van stemmen is besloten dat iets is toegestaan of juist verworpen mag worden. Maar God heeft nooit een democratie ingesteld.


Zo ziet u wellicht steeds beter de duidelijke contouren en de ongelooflijk wereldwijde omvang van de tegenbeweging. Als je alle lijnen kunt verbinden, zie je de wereldwijde invloed van Satan in de intens verbeten strijd tegen God. Zijn tegenmacht op aarde is op niets anders gericht dan het verwoesten en ondermijnen van het gezag voor de kaders die God, via het weerbarstige Joodse volk, op aarde heeft gebracht. Het is een ongelooflijk breed front van misleiding, gericht op maar één doel. Mensen afleiden en weghouden van alles wat van God komt.


Ook dat wordt heel sterk bevestigd door nog een heel bijzonder kenmerk in de Hebreeuwse taal die volkomen anders is dan hoe onze westerse talen zijn ingericht. Allereerst doordat het werkwoord in onze taal vanuit de IK-vorm wordt geleerd en dat alle werkwoorden in de 'onbepaalde wijs' beginnen. Het werkwoord "lopen" krijgt in de eerste vervoeging; Ik loop. De vervoeging begint dus eerst bij "IK", dan jij en daarna hij. Als we die laatste dan met een Hoofdletter schrijven, krijgt het nog een heel andere lading, nietwaar? Eerst de ik-vorm, dan de jij-vorm en daarna pas... komt Hij.


In de Hebreeuwse taal begint de stam juist.... met de Hij-vorm! Bij ons is de stam van het werkwoord op zijn kortst in de IK-vorm. Er wordt aan de stam van de ik-vorm een letter aan wordt toegevoegd. Ik zie - jij ziet - hij ziet. Precies zo werkt het in het Hebreeuws, maar dan begint het met Hij. In de jij, de zij en de ik-vorm wordt het stamwoord langer doordat er iets aan wordt toegevoegd. Het ontzag voor Hem is dus zelfs al in de taal verwerkt. Vindt u dat niet wonderlijk?


Er is nog zoveel meer over te vertellen, maar dit lijkt me al meer dan genoeg om het te kunnen afronden met de allerlaatste bijzonderheid, die ik nog wil meegeven. Een hele mooie bijzonderheid, die de hoge morele waarde en het respect dat uit Gods Woord en Zijn onderwijs spreekt bevestigd. Het werkwoord "Hebben" of "Zijn" komt niet voor in het Hebreeuws. God is tenslotte "Ik Ben" Hij is onze Schepper. Je kunt dus niets bezitten in Gods taal, omdat Hij alles al is. Hij geeft ons alles wat Hij ons heeft willen geven, wij bezitten het niet.


Dat betekend heel iets anders dan de WEF-slogan van de Elite: "You will own nothing and be Happy!" Wat mij betreft het meest recente bewijs van de na-aperij van de Satan. Want het gaat om het uitgangspunt. Dat is hierin fundamenteel anders en heeft niets met respect te maken, maar met roof. Zij willen al het aardse bezit dat mensen hebben verzameld en voor gewerkt hebben, maar dus feitelijk van God is, allemaal voor zichzelf verwerven. En zo de mensen bezitten en controleren. En dat zit ook al in onze taal!


Wij kunnen in de westerse Latijns afgeleide talen, of in het Nederland, dus zeggen: "Ik heb een vrouw". Alsof het uw bezit is. Dat "hebben" zou je in je Hebreeuws kunnen omschrijven als "aan mij" waarmee je zou moeten zeggen: Aan mij is een vrouw. Is dat niet ongelooflijk prachtig? Hoeveel gelijkheid en evenwicht had u gehad willen hebben? In onze huidige maatschappij wordt daarvoor nog altijd gestreden. Maar het is een respectvol evenwicht dat al uit het Hebreeuws van de oudheid komt. Dat van God komt. En wat al in Zijn taal zat.


In de praktijk wordt het 'aan mij' in de Hebreeuwse taal meestal vergezeld van het woord 'gegeven'. Waarmee u dan zou moeten zeggen: "Aan mij is een vrouw gegeven, of een kind, of een huis een auto of een baan. Daarmee komt het allemaal in het perspectief te staan van het ontzag voor de almachtige God, onze Schepper en Onze Vader. Door en tot wie alles is. Is dat niet ontroerend prachtig?










48 weergaven1 opmerking

Recente blogposts

Alles weergeven

1 Comment


Dank je wel kind van God, dat jij je kennis met ons deelt. Ide Barten

Like
bottom of page